BWBR0040733
Geldig vanaf 23-03-2018
Artikel 3
Besluit verlening mandaat, volmacht en machtiging personele aangelegenheden Kadaster 2018
1. Een directeur is niet bevoegd een besluit te nemen, noch om een privaatrechtelijke rechtshandeling of een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten met betrekking tot hemzelf.
2. Een directeur is niet bevoegd een besluit te nemen, noch om een privaatrechtelijke rechtshandeling of een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten, met een mogelijke precedentwerking. Een directeur legt een besluit als bedoeld in de vorige zin steeds aan het bestuur ter beslissing voor.
3. Een directeur oefent zijn mandaat, volmacht en machtiging uit binnen de grenzen van de voor zijn directie vastgestelde taken en zijn functieomschrijving, alsmede met inachtneming van het ter zake geldende recht, de door het bestuur vastgestelde kaders zoals beleids- en uitvoeringsregels, de bestendige uitvoeringspraktijk van de Dienst en de bepalingen vermeld in dit besluit.
4. Het nemen van beslissingen of het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen met mogelijke financiële gevolgen door de directeur geschiedt met inachtneming van de aan hem toegekende (personeels)budgetten op basis van het geldende jaarplan.
2. Een directeur is niet bevoegd een besluit te nemen, noch om een privaatrechtelijke rechtshandeling of een andere handeling dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten, met een mogelijke precedentwerking. Een directeur legt een besluit als bedoeld in de vorige zin steeds aan het bestuur ter beslissing voor.
3. Een directeur oefent zijn mandaat, volmacht en machtiging uit binnen de grenzen van de voor zijn directie vastgestelde taken en zijn functieomschrijving, alsmede met inachtneming van het ter zake geldende recht, de door het bestuur vastgestelde kaders zoals beleids- en uitvoeringsregels, de bestendige uitvoeringspraktijk van de Dienst en de bepalingen vermeld in dit besluit.
4. Het nemen van beslissingen of het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen met mogelijke financiële gevolgen door de directeur geschiedt met inachtneming van de aan hem toegekende (personeels)budgetten op basis van het geldende jaarplan.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0040733
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl