BWBR0040733
Geldig vanaf 23-03-2018
Artikel 2
Besluit verlening mandaat, volmacht en machtiging personele aangelegenheden Kadaster 2018
1. Aan een directeur wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend om op grond van ARK beslissingen te nemen met betrekking tot ambtenaren die behoren tot zijn directie, voor zover hierna niet anders is bepaald.
2. In afwijking van het eerste lid blijft aan het bestuur exclusief voorbehouden de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake:
a. de disciplinaire straf van (voorwaardelijk) ontslag, bedoeld in artikel 2:13 ARK;
b. de hardheidsclausule, bedoeld in artikel 11:1 ARK, voor zover het niet gaat om beslissingen inzake het aanstellen, benoemen, verplaatsen in dan wel naar een hogere dan formele schaal;
c. de Regeling bovenwettelijke uitkering bij werkloosheid Kadaster, bijlage G van ARK;
d. de Regeling sociaal beleid Kadaster, Bijlage H1 van ARK;
e. de integriteitsregelingen, bijlagen O tot en met S van ARK, behoudens de bevoegdheid tot het behandelen en het nemen van beslissingen op basis van de Regeling melden algemene klachten, bijlage R van ARK;
f. het nemen van besluiten van algemene strekking, waaronder het vaststellen van beleidsregels;
g. bezwaarschriften, waaronder het nemen van beslissingen op bezwaarschriften als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht.
3. In afwijking van het eerste lid wordt uitsluitend aan de directeur Organisatie en HRM mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot alle ambtenaren van de Dienst beslissingen te nemen inzake:
a. het doen van voorstellen tot wijziging van de regels voor werving en selectie, bedoeld in de artikelen 2:1 en 2:2 en bijlage L van ARK;
b. het beschrijven en waarderen van functies, bedoeld in artikel 5:3, tweede en derde lid ARK;
c. de uitvoering en het doen van voorstellen tot wijziging van het Individueel Keuzebudget, bedoeld in hoofdstuk 9 ARK;
d. de Regeling chauffeurs leden Raad van Bestuur, bijlage N van ARK;
e. de toekenning van BHV toelagen, bedoeld in de Regeling BHV vergoedingen, bijlage D van ARK;
f. de Regeling tegemoetkoming zorgverzekering, bijlage B van ARK;
g. het voeren van de registraties als bedoeld in de artikelen 4:6, vierde lid en 4:7, derde lid ARK en het openbaren van nevenwerkzaamheden als bedoeld in artikel 4:6, vijfde lid ARK.
4. In afwijking van het eerste lid wordt uitsluitend aan de directeur Organisatie en HRM mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot gewezen ambtenaren van de Dienst beslissingen te nemen inzake de artikelen 8, 10, 11, 14 en 17 van de Regeling voorschriften bij ziekte en aanspraken bij overlijden, bijlage M van ARK.
2. In afwijking van het eerste lid blijft aan het bestuur exclusief voorbehouden de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake:
a. de disciplinaire straf van (voorwaardelijk) ontslag, bedoeld in artikel 2:13 ARK;
b. de hardheidsclausule, bedoeld in artikel 11:1 ARK, voor zover het niet gaat om beslissingen inzake het aanstellen, benoemen, verplaatsen in dan wel naar een hogere dan formele schaal;
c. de Regeling bovenwettelijke uitkering bij werkloosheid Kadaster, bijlage G van ARK;
d. de Regeling sociaal beleid Kadaster, Bijlage H1 van ARK;
e. de integriteitsregelingen, bijlagen O tot en met S van ARK, behoudens de bevoegdheid tot het behandelen en het nemen van beslissingen op basis van de Regeling melden algemene klachten, bijlage R van ARK;
f. het nemen van besluiten van algemene strekking, waaronder het vaststellen van beleidsregels;
g. bezwaarschriften, waaronder het nemen van beslissingen op bezwaarschriften als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht.
3. In afwijking van het eerste lid wordt uitsluitend aan de directeur Organisatie en HRM mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot alle ambtenaren van de Dienst beslissingen te nemen inzake:
a. het doen van voorstellen tot wijziging van de regels voor werving en selectie, bedoeld in de artikelen 2:1 en 2:2 en bijlage L van ARK;
b. het beschrijven en waarderen van functies, bedoeld in artikel 5:3, tweede en derde lid ARK;
c. de uitvoering en het doen van voorstellen tot wijziging van het Individueel Keuzebudget, bedoeld in hoofdstuk 9 ARK;
d. de Regeling chauffeurs leden Raad van Bestuur, bijlage N van ARK;
e. de toekenning van BHV toelagen, bedoeld in de Regeling BHV vergoedingen, bijlage D van ARK;
f. de Regeling tegemoetkoming zorgverzekering, bijlage B van ARK;
g. het voeren van de registraties als bedoeld in de artikelen 4:6, vierde lid en 4:7, derde lid ARK en het openbaren van nevenwerkzaamheden als bedoeld in artikel 4:6, vijfde lid ARK.
4. In afwijking van het eerste lid wordt uitsluitend aan de directeur Organisatie en HRM mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot gewezen ambtenaren van de Dienst beslissingen te nemen inzake de artikelen 8, 10, 11, 14 en 17 van de Regeling voorschriften bij ziekte en aanspraken bij overlijden, bijlage M van ARK.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0040733
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl