BWBR0040324
Geldig vanaf 2018-01-01
Artikel 3
Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations en vluchtinformatieverstrekkers
1. De basisopleiding bevat de theorie- en praktijkopleiding die basiskennis en praktische vaardigheden in verband met elementaire operationele procedures bijbrengt.
2. De opleiding voor een bevoegdverklaring bevat theorie- en praktijkopleiding die de kennis en praktische vaardigheden bijbrengt voor een bepaalde bevoegdverklaring en, indien van toepassing, een aantekening bij de bevoegdverklaring.
3. De opleiding voor de eenheid bevat:
a. een theorieopleiding die bedoeld is voor het bijbrengen van kennis en begrip van locatiespecifieke operationele procedures en taakspecifieke aspecten, en;
b. de opleiding op de werkplek die dient om reeds verworven routinewerkzaamheden en vaardigheden die verband houden met het werk, onder toezicht van een gekwalificeerde instructeur in de praktijk te integreren in een situatie met actueel, niet zijnde gesimuleerd, verkeer.
4. De voortgezette opleiding bevat herhalingsopleidingen en in voorkomend geval conversieopleidingen die zijn bedoeld om bedieners van luchtvaartstations of vluchtinformatieverstrekkers in staat te stellen hun bestaande kennis en vaardigheden op te frissen, te versterken of te verbeteren.
5. De opleiding voor praktijkinstructeur bevat:
a. een cursus praktische instructiemethoden voor houders van een aantekening OJTI of STDI, met inbegrip van een beoordeling;
b. een herhalingscursus praktische instructievaardigheden;
c. een of meer methoden voor het beoordelen van de bekwaamheid van praktijkinstructeurs.
6. De opleiding voor assessor bevat:
a. een cursus voor assessors, met inbegrip van een beoordeling;
b. een herhalingscursus beoordelingsvaardigheden;
c. een of meer methoden voor het beoordelen van de bekwaamheid van assessors.
7. Theoretische kennis en inzicht worden aangetoond door middel van examinering, met als minimumscore 75% van de punten die voor die examens kunnen worden behaald.
2. De opleiding voor een bevoegdverklaring bevat theorie- en praktijkopleiding die de kennis en praktische vaardigheden bijbrengt voor een bepaalde bevoegdverklaring en, indien van toepassing, een aantekening bij de bevoegdverklaring.
3. De opleiding voor de eenheid bevat:
a. een theorieopleiding die bedoeld is voor het bijbrengen van kennis en begrip van locatiespecifieke operationele procedures en taakspecifieke aspecten, en;
b. de opleiding op de werkplek die dient om reeds verworven routinewerkzaamheden en vaardigheden die verband houden met het werk, onder toezicht van een gekwalificeerde instructeur in de praktijk te integreren in een situatie met actueel, niet zijnde gesimuleerd, verkeer.
4. De voortgezette opleiding bevat herhalingsopleidingen en in voorkomend geval conversieopleidingen die zijn bedoeld om bedieners van luchtvaartstations of vluchtinformatieverstrekkers in staat te stellen hun bestaande kennis en vaardigheden op te frissen, te versterken of te verbeteren.
5. De opleiding voor praktijkinstructeur bevat:
a. een cursus praktische instructiemethoden voor houders van een aantekening OJTI of STDI, met inbegrip van een beoordeling;
b. een herhalingscursus praktische instructievaardigheden;
c. een of meer methoden voor het beoordelen van de bekwaamheid van praktijkinstructeurs.
6. De opleiding voor assessor bevat:
a. een cursus voor assessors, met inbegrip van een beoordeling;
b. een herhalingscursus beoordelingsvaardigheden;
c. een of meer methoden voor het beoordelen van de bekwaamheid van assessors.
7. Theoretische kennis en inzicht worden aangetoond door middel van examinering, met als minimumscore 75% van de punten die voor die examens kunnen worden behaald.