BWBR0040089
Geldig vanaf 2017-10-13
Artikel 12
Regeling maatregelen laagpathogene vogelgriep Sint Philipsland 2017
1. Het is bezoekers verboden een vogelverblijfplaats alsmede niet deugdelijk fysiek van die verblijfplaats afgescheiden woonruimte of ander deel van een inrichting met commercieel gehouden gevogelte te betreden.
2. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan een vogelverblijfplaats te betreden, indien:
a. het bezoek noodzakelijk is in het kader van diergezondheid, dierenwelzijn of gezondheid van in de stal aanwezige personen;
b. het bezoek plaatsvindt overeenkomstig een goedgekeurd hygiëneprotocol, en
c. de bezoeker het bezoek registreert.
3. In afwijking van het tweede lid zijn de onderdelen b en c van dat lid niet van toepassing, indien een acute noodsituatie zich tegen toepassing van die onderdelen verzet.
4. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan een vogelverblijfplaats te betreden, indien:
a. het bezoek betreft van personeel van de inrichting waarvan de vogelverblijfplaats onderdeel uitmaakt,
b. het bezoek plaatsvindt overeenkomstig een goedgekeurd hygiëneprotocol, en
c. de bezoeker in de 72 uren voorafgaand aan het bezoek geen andere inrichting met commercieel gehouden gevogelte heeft bezocht.
5. Het is een houder van commercieel gehouden gevogelte verboden om een bezoeker toe te laten tot de in het eerste lid bedoelde ruimtes, tenzij het bezoek betreft als bedoeld in het tweede, derde of vierde lid.
6. Het eerste tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op het vervoermiddel van een bezoeker.
2. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan een vogelverblijfplaats te betreden, indien:
a. het bezoek noodzakelijk is in het kader van diergezondheid, dierenwelzijn of gezondheid van in de stal aanwezige personen;
b. het bezoek plaatsvindt overeenkomstig een goedgekeurd hygiëneprotocol, en
c. de bezoeker het bezoek registreert.
3. In afwijking van het tweede lid zijn de onderdelen b en c van dat lid niet van toepassing, indien een acute noodsituatie zich tegen toepassing van die onderdelen verzet.
4. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan een vogelverblijfplaats te betreden, indien:
a. het bezoek betreft van personeel van de inrichting waarvan de vogelverblijfplaats onderdeel uitmaakt,
b. het bezoek plaatsvindt overeenkomstig een goedgekeurd hygiëneprotocol, en
c. de bezoeker in de 72 uren voorafgaand aan het bezoek geen andere inrichting met commercieel gehouden gevogelte heeft bezocht.
5. Het is een houder van commercieel gehouden gevogelte verboden om een bezoeker toe te laten tot de in het eerste lid bedoelde ruimtes, tenzij het bezoek betreft als bedoeld in het tweede, derde of vierde lid.
6. Het eerste tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op het vervoermiddel van een bezoeker.