BWBR0039605
Geldig vanaf 2017-05-25
Artikel 5
Regeling bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van scholen in het primair onderwijs en beleidsregel interpretatie samenvoeging in WPO en WEC
1. De bijzondere bekostiging bedoeld in artikel 3wordt, onverminderd het tweede en derde lid, berekend volgens de formule (X – Y) + (Xs – Ys), waarin:
X = de som van de bekostiging van alle basisscholen die onderdeel uitmaken van de fusie, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, wanneer de fusie niet zou hebben plaatsgevonden, en
Y = de som van de bekostiging van de fusieschool, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, en
Xs = de som van de bekostiging van alle basisscholen die onderdeel uitmaken van de fusie, berekend op grond van artikel 26, eerste lid, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, wanneer deze fusie niet zou hebben plaatsgevonden, en
Ys = de bekostiging van de fusieschool, berekend op grond van artikel 26, eerste lid, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie.
2. Indien van de fusie één of meer kleine of zeer kleine basisscholen onderdeel uitmaken waarbij geen sprake is van een complete leerlingpopulatie, wordt voor ieder van deze scholen op de uitkomst van het in het eerste lid bedoelde berekeningsonderdeel X een aftrek toegepast. De omvang van deze aftrek voor de desbetreffende school bedraagt de uitkomst van de formule (Q-R) * S.
In de formule, genoemd in de tweede volzin, is Q het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen op de desbetreffende kleine of zeer kleine basisschool op de laatste teldatum 1 oktober waarop bij deze school sprake was van een complete leerlingpopulatie. Indien bij de kleine of zeer kleine basisschool op alle teldata 1 oktober in de vier schooljaren voorafgaande aan de fusie geen sprake is van een complete leerlingpopulatie, wordt het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen genomen op de teldatum 1 oktober die 3 jaar ligt vóór 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie.
In de formule, genoemd in de tweede volzin, is R het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen op de desbetreffende school op 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie.
In de formule, genoemd in de tweede volzin, is S het in de Regeling bekostiging personeel POvoor het eerste schooljaar na de fusie vastgestelde basisbedrag bedoeld in artikel 24, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022, vermeerderd met het product van het in die regeling vastgestelde leeftijdsbedrag bedoeld in artikel 24, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 en de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren, bedoeld in artikel 11a, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 van de desbetreffende school op 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie.
3. Indien de uitkomst van de in het tweede lid bedoelde formule kleiner is dan nul, wordt de aftrek voor de desbetreffende kleine of zeer kleine basisschool op nul gesteld.
4. Indien de in het tweede lid bedoelde aftrek meer bedraagt dan de bekostiging van de desbetreffende kleine of zeer kleine basisschool berekend op grond van artikel 24, respectievelijk artikel 23en 24 van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, wordt de aftrek bepaald op het bedrag van die bekostiging.
X = de som van de bekostiging van alle basisscholen die onderdeel uitmaken van de fusie, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, wanneer de fusie niet zou hebben plaatsgevonden, en
Y = de som van de bekostiging van de fusieschool, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, en
Xs = de som van de bekostiging van alle basisscholen die onderdeel uitmaken van de fusie, berekend op grond van artikel 26, eerste lid, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, wanneer deze fusie niet zou hebben plaatsgevonden, en
Ys = de bekostiging van de fusieschool, berekend op grond van artikel 26, eerste lid, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie.
2. Indien van de fusie één of meer kleine of zeer kleine basisscholen onderdeel uitmaken waarbij geen sprake is van een complete leerlingpopulatie, wordt voor ieder van deze scholen op de uitkomst van het in het eerste lid bedoelde berekeningsonderdeel X een aftrek toegepast. De omvang van deze aftrek voor de desbetreffende school bedraagt de uitkomst van de formule (Q-R) * S.
In de formule, genoemd in de tweede volzin, is Q het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen op de desbetreffende kleine of zeer kleine basisschool op de laatste teldatum 1 oktober waarop bij deze school sprake was van een complete leerlingpopulatie. Indien bij de kleine of zeer kleine basisschool op alle teldata 1 oktober in de vier schooljaren voorafgaande aan de fusie geen sprake is van een complete leerlingpopulatie, wordt het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen genomen op de teldatum 1 oktober die 3 jaar ligt vóór 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie.
In de formule, genoemd in de tweede volzin, is R het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen op de desbetreffende school op 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie.
In de formule, genoemd in de tweede volzin, is S het in de Regeling bekostiging personeel POvoor het eerste schooljaar na de fusie vastgestelde basisbedrag bedoeld in artikel 24, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022, vermeerderd met het product van het in die regeling vastgestelde leeftijdsbedrag bedoeld in artikel 24, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 en de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren, bedoeld in artikel 11a, van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 van de desbetreffende school op 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie.
3. Indien de uitkomst van de in het tweede lid bedoelde formule kleiner is dan nul, wordt de aftrek voor de desbetreffende kleine of zeer kleine basisschool op nul gesteld.
4. Indien de in het tweede lid bedoelde aftrek meer bedraagt dan de bekostiging van de desbetreffende kleine of zeer kleine basisschool berekend op grond van artikel 24, respectievelijk artikel 23en 24 van het Besluit bekostiging WPO, zoals dat luidde op 31 maart 2022 in het eerste schooljaar na de fusie, wordt de aftrek bepaald op het bedrag van die bekostiging.