BWBR0039480
Geldig vanaf 2018-10-27
Artikel 9
Gemeenschappelijke regeling Het Utrechts Archief
1. Een lid van het algemeen bestuur dat is aangewezen door de Minister verstrekt aan de Minister zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen de door de Minister gevraagde inlichtingen.
2. Een lid van het algemeen bestuur dat is aangewezen door gedeputeerde staten of het college verstrekt aan gedeputeerde staten en provinciale staten van de provincie, respectievelijk aan het college en aan de raad van de gemeente zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen de door een of meer leden gevraagde inlichtingen.
3. De Minister, gedeputeerde staten of het college kunnen een lid van het algemeen bestuur dat zij hebben aangewezen, nadat de inlichtingen in een vergadering of schriftelijk zijn verstrekt of dienden te zijn verstrekt, ter verantwoording roepen voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid.
2. Een lid van het algemeen bestuur dat is aangewezen door gedeputeerde staten of het college verstrekt aan gedeputeerde staten en provinciale staten van de provincie, respectievelijk aan het college en aan de raad van de gemeente zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen de door een of meer leden gevraagde inlichtingen.
3. De Minister, gedeputeerde staten of het college kunnen een lid van het algemeen bestuur dat zij hebben aangewezen, nadat de inlichtingen in een vergadering of schriftelijk zijn verstrekt of dienden te zijn verstrekt, ter verantwoording roepen voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid.