BWBR0038740
Geldig vanaf 2016-11-23
Artikel 7
Tijdelijke regeling aflopende en aansluitende toelage NVWA
1. De aflopende of aansluitende toelage wordt maandelijks betaald.
2. Na afloop van een kalenderjaar stelt de inspecteur-generaal van de NVWA de definitieve aanspraak op de aflopende of aansluitende toelage van de medewerker in dat kalenderjaar vast.
3. Het verschil tussen de definitieve aanspraak op de aflopende of aansluitende toelage en de in het kalenderjaar ontvangen aflopende of aansluitende toelage wordt aan de medewerker betaald, dan wel verrekend met zijn bezoldiging, als bedoeld in artikel 2, onder f, van het BBRA ’84.
4. De aflopende en aansluitende toelage behoren tot de bezoldiging, bedoeld in artikel 2, onderdeel f, van het BBRA ‘84.
2. Na afloop van een kalenderjaar stelt de inspecteur-generaal van de NVWA de definitieve aanspraak op de aflopende of aansluitende toelage van de medewerker in dat kalenderjaar vast.
3. Het verschil tussen de definitieve aanspraak op de aflopende of aansluitende toelage en de in het kalenderjaar ontvangen aflopende of aansluitende toelage wordt aan de medewerker betaald, dan wel verrekend met zijn bezoldiging, als bedoeld in artikel 2, onder f, van het BBRA ’84.
4. De aflopende en aansluitende toelage behoren tot de bezoldiging, bedoeld in artikel 2, onderdeel f, van het BBRA ‘84.