BWBR0038065
Geldig vanaf 2016-07-01
Artikel 2.3
Regeling bijzondere bevoegdverklaringen luchtwaardigheid
1. Een bijzondere bevoegdverklaring AML als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, wordt afgegeven, nadat de aanvrager heeft aangetoond te voldoen aan de navolgende eisen inzake basiskennis en ervaring voor afgifte van de bijzondere bevoegdverklaring:
a. de aanvrager toont aan dat het examen voor de bijzondere bevoegdverklaring niet langer dan drie jaren voorafgaand aan de datum van de aanvraag met voldoende resultaat is afgelegd;
b. de aanvrager toont aan: 1°. dat in de drie jaren, onmiddellijk voorafgaand aan de datum van aanvraag tenminste twee jaren ervaring is verkregen met betrekking tot de werkzaamheden waarvoor de bijzondere bevoegdverklaring is vereist;
2°. dat de werkzaamheden, bedoeld onder 1°, zijn verricht onder toezicht van een houder van een AML of Part-66 AML of een erkende onderhoudsorganisatie als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onder a, van de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008.
1°. dat in de drie jaren, onmiddellijk voorafgaand aan de datum van aanvraag tenminste twee jaren ervaring is verkregen met betrekking tot de werkzaamheden waarvoor de bijzondere bevoegdverklaring is vereist;
2°. dat de werkzaamheden, bedoeld onder 1°, zijn verricht onder toezicht van een houder van een AML of Part-66 AML of een erkende onderhoudsorganisatie als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onder a, van de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008.
2. De werkzaamheden, bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, worden op de AML vermeld nadat de aanvrager heeft aangetoond een training voor het calibreren en compenseren van direct afleesbare magnetische kompassen met voldoende resultaat te hebben gevolgd.
a. de aanvrager toont aan dat het examen voor de bijzondere bevoegdverklaring niet langer dan drie jaren voorafgaand aan de datum van de aanvraag met voldoende resultaat is afgelegd;
b. de aanvrager toont aan: 1°. dat in de drie jaren, onmiddellijk voorafgaand aan de datum van aanvraag tenminste twee jaren ervaring is verkregen met betrekking tot de werkzaamheden waarvoor de bijzondere bevoegdverklaring is vereist;
2°. dat de werkzaamheden, bedoeld onder 1°, zijn verricht onder toezicht van een houder van een AML of Part-66 AML of een erkende onderhoudsorganisatie als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onder a, van de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008.
1°. dat in de drie jaren, onmiddellijk voorafgaand aan de datum van aanvraag tenminste twee jaren ervaring is verkregen met betrekking tot de werkzaamheden waarvoor de bijzondere bevoegdverklaring is vereist;
2°. dat de werkzaamheden, bedoeld onder 1°, zijn verricht onder toezicht van een houder van een AML of Part-66 AML of een erkende onderhoudsorganisatie als bedoeld in artikel 29a, eerste lid, onder a, van de Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008.
2. De werkzaamheden, bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, worden op de AML vermeld nadat de aanvrager heeft aangetoond een training voor het calibreren en compenseren van direct afleesbare magnetische kompassen met voldoende resultaat te hebben gevolgd.