BWBR0038065
Geldig vanaf 2016-07-01
Artikel 2.1
Regeling bijzondere bevoegdverklaringen luchtwaardigheid
1. De minister kan op aanvraag de volgende bijzondere bevoegdverklaringen afgeven voor onderhoud aan zweefvliegtuigen en motorzweefvliegtuigen:
a. A voor werkzaamheden aan zweefvliegtuigen en motorzweefvliegtuigen, met uitzondering van de werkzaamheden waarvoor een bijzondere bevoegdverklaring B of C vereist is, maar inclusief de werkzaamheden die op de AML zijn vermeld;
b. B voor werkzaamheden aan de voortstuwingsinstallatie;
c. C voor werkzaamheden aan elektrische en elektronische installaties.
2. De werkzaamheden, die bij de bijzondere bevoegdverklaring A op de AML kunnen worden vermeld zijn het controleren en compenseren van direct afleesbare magnetische kompassen.
a. A voor werkzaamheden aan zweefvliegtuigen en motorzweefvliegtuigen, met uitzondering van de werkzaamheden waarvoor een bijzondere bevoegdverklaring B of C vereist is, maar inclusief de werkzaamheden die op de AML zijn vermeld;
b. B voor werkzaamheden aan de voortstuwingsinstallatie;
c. C voor werkzaamheden aan elektrische en elektronische installaties.
2. De werkzaamheden, die bij de bijzondere bevoegdverklaring A op de AML kunnen worden vermeld zijn het controleren en compenseren van direct afleesbare magnetische kompassen.