BWBR0037242
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 6
Besluit experiment regelluwe scholen PO/VO
1. Het uitgangspunt is gelijkblijvende bekostiging op grond van de WPO, de WVOof de WEBvan de regelluwe school ten opzichte van de situatie waarin de school niet zou hebben deelgenomen aan dit experiment.
2. Onverminderd het eerste lid kan Onze Minister ten behoeve van een concrete afwijking als bedoeld in artikel 4afwijken van de bepalingen omtrent de grondslag en wijze van bekostiging, genoemd in hoofdstuk I, titel IV, afdelingen 1, 2, 4 tot en met 7, afdeling 8, paragrafen 2, 3, 6en 7, en afdeling 9, paragrafen 1en 2, van de WPO, in titel III, afdeling II, van de WVOen in hoofdstuk 2, titel 2, van de WEBindien een goede uitvoering van de concrete afwijking daartoe naar zijn oordeel aanleiding geeft of indien een concrete afwijking ongewenste bekostigingseffecten voor Onze Minister tot gevolg zou hebben.
3. Onze Minister neemt een besluit tot afwijking als bedoeld in het tweede lid niet later dan de dag van verzending van de ontvangstbevestiging, bedoeld in artikel 5, derde lid.
2. Onverminderd het eerste lid kan Onze Minister ten behoeve van een concrete afwijking als bedoeld in artikel 4afwijken van de bepalingen omtrent de grondslag en wijze van bekostiging, genoemd in hoofdstuk I, titel IV, afdelingen 1, 2, 4 tot en met 7, afdeling 8, paragrafen 2, 3, 6en 7, en afdeling 9, paragrafen 1en 2, van de WPO, in titel III, afdeling II, van de WVOen in hoofdstuk 2, titel 2, van de WEBindien een goede uitvoering van de concrete afwijking daartoe naar zijn oordeel aanleiding geeft of indien een concrete afwijking ongewenste bekostigingseffecten voor Onze Minister tot gevolg zou hebben.
3. Onze Minister neemt een besluit tot afwijking als bedoeld in het tweede lid niet later dan de dag van verzending van de ontvangstbevestiging, bedoeld in artikel 5, derde lid.