BWBR0037135
Geldig vanaf 2018-07-03
Artikel 11
Organisatie- en mandaatbesluit Ministerie van Financiën 2015
1. De SG en DG’s zijn hoofdbudgethouder voor wat betreft hun taken en zijn uit dien hoofde bevoegd verplichtingen – met financiële consequenties – aan te gaan en uitgaven goed te keuren binnen hun budgetten.
2. In afwijking van het eerste lid, gaat de directeur-generaal Belastingdienst verplichtingen ten aanzien waarvan het verscherpt toezicht geldt, als bedoeld in bijlage 3, slechts aan in overeenstemming met de hoofddirecteur Control en Financiën van directoraat-generaal Belastingdienst danwel de hoofddirecteur Financieel-Economische Zaken.
3. De SG stelt, na advies van de hoofddirecteur FEZ, de hoogte vast van de budgetten bedoeld in het eerste lid.
4. De hoofdbudgethouders zijn verantwoordelijk voor een adequaat financieel beheer.
2. In afwijking van het eerste lid, gaat de directeur-generaal Belastingdienst verplichtingen ten aanzien waarvan het verscherpt toezicht geldt, als bedoeld in bijlage 3, slechts aan in overeenstemming met de hoofddirecteur Control en Financiën van directoraat-generaal Belastingdienst danwel de hoofddirecteur Financieel-Economische Zaken.
3. De SG stelt, na advies van de hoofddirecteur FEZ, de hoogte vast van de budgetten bedoeld in het eerste lid.
4. De hoofdbudgethouders zijn verantwoordelijk voor een adequaat financieel beheer.