BWBR0037052
Geldig vanaf 02-10-2015
Artikel 2
Beleidsregel vergunningverlening van de NIWO
1. De onderneming moet kunnen beschikken over een reële vestiging in Nederland. Een reële vestiging houdt in dat er sprake is van een werkelijke en duurzame vestiging. Dit is in ieder geval een vestiging met ruimte(n) waarin de documenten inzake de hoofdactiviteiten worden bewaard, met name de boekhoudkundige bescheiden, documenten inzake personeelsbeleid en gegevens over de rij- en rusttijden.
2. Er wordt een onderzoek verricht naar de reële vestiging wanneer er twijfel bestaat bij een aanvraag voor verlening of verlenging van de communautaire vergunning of nadien. Dit onderzoek kan zowel schriftelijk als ter plaatse worden ingesteld. Ter beoordeling van de reële vestiging kan de NIWO bewijsstukken van de vervoerder verlangen. De NIWO bekijkt de bewijsstukken in onderlinge samenhang.
3. Zodra de vergunning is verleend of verlengd en gewaarmerkte afschriften worden aangevraagd dienen er één of meer vrachtauto’s ter beschikking van de onderneming te staan, hetzij in volle eigendom, hetzij uit hoofde van een huurkoopovereenkomst of een huur- of lease-overeenkomst. De Rijksdienst voor het Wegverkeer moet een kenteken hebben afgegeven voor deze vrachtauto’s. Indien het buitenlands gekentekende voertuigen betreft die worden gehuurd of geleased en die deelnemen aan het internationaal verkeer, moet voor deze vrachtauto’s een bewijs van de registratie door het daartoe bevoegde gezag in het buitenland zijn afgegeven.
4. De NIWO kan vragen om bewijs dat de vrachtauto’s ter beschikking van de onderneming staan. In ieder geval zullen bewijsstukken worden opgevraagd:
a. indien er sprake is van aanwijzingen van fraude;
b. bij substantiële uitbreiding van het wagenpark.
5. Indien de NIWO vaststelt dat niet langer aan de eis van reële vestiging wordt voldaan, kan op verzoek van de aanvrager een maximale termijn van zes maanden worden verleend om aan te tonen dat er sprake is van een reële vestiging.
6. De in lid 5 bedoelde termijn vangt aan met ingang van de dag na die waarop de NIWO heeft vastgesteld dat niet langer aan de eis van reële vestiging wordt voldaan.
7. Indien de in lid 5 bedoelde termijn wordt verleend en de communautaire vergunning expireert binnen deze periode, wordt de communautaire vergunning geacht te zijn verlengd voor die termijn en stelt de NIWO de aanvrager in het bezit van gewaarmerkte, tijdelijke afschriften.
2. Er wordt een onderzoek verricht naar de reële vestiging wanneer er twijfel bestaat bij een aanvraag voor verlening of verlenging van de communautaire vergunning of nadien. Dit onderzoek kan zowel schriftelijk als ter plaatse worden ingesteld. Ter beoordeling van de reële vestiging kan de NIWO bewijsstukken van de vervoerder verlangen. De NIWO bekijkt de bewijsstukken in onderlinge samenhang.
3. Zodra de vergunning is verleend of verlengd en gewaarmerkte afschriften worden aangevraagd dienen er één of meer vrachtauto’s ter beschikking van de onderneming te staan, hetzij in volle eigendom, hetzij uit hoofde van een huurkoopovereenkomst of een huur- of lease-overeenkomst. De Rijksdienst voor het Wegverkeer moet een kenteken hebben afgegeven voor deze vrachtauto’s. Indien het buitenlands gekentekende voertuigen betreft die worden gehuurd of geleased en die deelnemen aan het internationaal verkeer, moet voor deze vrachtauto’s een bewijs van de registratie door het daartoe bevoegde gezag in het buitenland zijn afgegeven.
4. De NIWO kan vragen om bewijs dat de vrachtauto’s ter beschikking van de onderneming staan. In ieder geval zullen bewijsstukken worden opgevraagd:
a. indien er sprake is van aanwijzingen van fraude;
b. bij substantiële uitbreiding van het wagenpark.
5. Indien de NIWO vaststelt dat niet langer aan de eis van reële vestiging wordt voldaan, kan op verzoek van de aanvrager een maximale termijn van zes maanden worden verleend om aan te tonen dat er sprake is van een reële vestiging.
6. De in lid 5 bedoelde termijn vangt aan met ingang van de dag na die waarop de NIWO heeft vastgesteld dat niet langer aan de eis van reële vestiging wordt voldaan.
7. Indien de in lid 5 bedoelde termijn wordt verleend en de communautaire vergunning expireert binnen deze periode, wordt de communautaire vergunning geacht te zijn verlengd voor die termijn en stelt de NIWO de aanvrager in het bezit van gewaarmerkte, tijdelijke afschriften.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0037052
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl