BWBR0037052
Geldig vanaf 02-10-2015
Artikel 14
Beleidsregel vergunningverlening van de NIWO
1. Wanneer de NIWO constateert dat een onderneming in staat van faillissement is verklaard, wordt de curator aangeschreven en meegedeeld dat de verleende communautaire vergunning wordt ingetrokken, tenzij de curator binnen een week de NIWO informeert over het tijdstip waarop de gefailleerde onderneming haar vervoersactiviteiten zal staken. Deze verklaring en het daarbij te voegen verzoek nog gebruik te mogen maken van de aan de gefailleerde onderneming verstrekte gewaarmerkte afschriften of een gedeelte daarvan dient de curator per aangetekende brief bij de NIWO in te dienen.
2. Inwilliging van dit verzoek kan voor de duur van maximaal een maand met ingang van de dag waarop het faillissement is uitgesproken. Deze termijn kan eenmalig met een maand worden verlengd na een daartoe bij de NIWO ingediend schriftelijk verzoek van de curator.
3. indien sprake is van een ingewilligd verzoek als bedoeld in lid 1 van dit artikel, behoudt de gefailleerde onderneming het aantal gewaarmerkte afschriften dat nodig is voor de voortzetting van de vervoersactiviteiten. Overige gewaarmerkte afschriften dienen per omgaande te worden ingeleverd bij de NIWO.
4. Indien de doorrijperiode van maximaal twee keer een maand is verstreken, wordt de communautaire vergunning van de gefailleerde onderneming ingetrokken.
5. In het geval de curator niet binnen één week na de inwerkingtreding van de beschikking tot intrekking de vergunning en de gewaarmerkte afschriften van de gefailleerde inlevert, kan de NIWO wegens overtreding van artikel 3.6 van de WWG de curator een last onder dwangsom opleggen op grond van artikel 5.2 WWG en de Beleidsregel last onder dwangsom van de NIWO.
6. Indien een doorstart van de onderneming plaatsvindt, zal de doorstartende onderneming een nieuwe aanvraag voor verlening van de communautaire vergunning moeten indienen.
2. Inwilliging van dit verzoek kan voor de duur van maximaal een maand met ingang van de dag waarop het faillissement is uitgesproken. Deze termijn kan eenmalig met een maand worden verlengd na een daartoe bij de NIWO ingediend schriftelijk verzoek van de curator.
3. indien sprake is van een ingewilligd verzoek als bedoeld in lid 1 van dit artikel, behoudt de gefailleerde onderneming het aantal gewaarmerkte afschriften dat nodig is voor de voortzetting van de vervoersactiviteiten. Overige gewaarmerkte afschriften dienen per omgaande te worden ingeleverd bij de NIWO.
4. Indien de doorrijperiode van maximaal twee keer een maand is verstreken, wordt de communautaire vergunning van de gefailleerde onderneming ingetrokken.
5. In het geval de curator niet binnen één week na de inwerkingtreding van de beschikking tot intrekking de vergunning en de gewaarmerkte afschriften van de gefailleerde inlevert, kan de NIWO wegens overtreding van artikel 3.6 van de WWG de curator een last onder dwangsom opleggen op grond van artikel 5.2 WWG en de Beleidsregel last onder dwangsom van de NIWO.
6. Indien een doorstart van de onderneming plaatsvindt, zal de doorstartende onderneming een nieuwe aanvraag voor verlening van de communautaire vergunning moeten indienen.
- Citeren als
- Art. 14
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0037052
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl