BWBR0036730
Geldig vanaf 2015-08-01
Artikel 2
Regeling beheer wapens en munitie politie 2015
1. Tijdens de uitoefening van de operationele dienst is de ambtenaar verplicht tot het dragen van de aan hem verstrekte wapens.
2. Het vuurwapen wordt tijdens de uitoefening van de operationele dienst in geladen toestand gedragen.
3. Het pistool mag uitsluitend worden gedragen in een krachtens artikel 15, tweede lid, van het Besluit bewapening en uitrusting politiegoedgekeurd draagmiddel.
4. De ambtenaar die optreedt in burgerkleding is uitgezonderd van de verplichting tot het dragen van de wapenstok.
5. In afwijking van het eerste lid kan de korpschef de ambtenaar toestemming verlenen om van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, geheel of gedeeltelijk af te wijken.
2. Het vuurwapen wordt tijdens de uitoefening van de operationele dienst in geladen toestand gedragen.
3. Het pistool mag uitsluitend worden gedragen in een krachtens artikel 15, tweede lid, van het Besluit bewapening en uitrusting politiegoedgekeurd draagmiddel.
4. De ambtenaar die optreedt in burgerkleding is uitgezonderd van de verplichting tot het dragen van de wapenstok.
5. In afwijking van het eerste lid kan de korpschef de ambtenaar toestemming verlenen om van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, geheel of gedeeltelijk af te wijken.