BWBR0035271
Geldig vanaf 2014-07-03
Artikel 1
Onderlinge regeling Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland ex artikel 38, eerste lid, van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (samenwerking op het gebied van de overdracht van personen aan wie rechtens hun vrijheid is ontnomen op grond van een veroordeling tot een vrijheidsstraf)
1. Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten, hierna ook aan te duiden als de landen en elk afzonderlijk als land, verklaren zich bereid om de tenuitvoerlegging van onherroepelijke strafrechtelijke vonnissen waarin door een rechter van een van de landen een onvoorwaardelijke gevangenisstraf is opgelegd, aan een ander land over te dragen teneinde de tenuitvoerlegging zoveel mogelijk dienstbaar te maken aan de terugkeer van de betrokkene in de maatschappij. Deze overdracht geschiedt onder de in deze regeling voorgeschreven voorwaarden en op de in deze regeling omschreven wijze.
2. Onder Nederland wordt in deze regeling zowel Bonaire, Sint Eustatius en Saba als het Europese deel van het Koninkrijk verstaan.
3. Onder ‘Koninkrijk’ wordt verstaan: alle landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden.
2. Onder Nederland wordt in deze regeling zowel Bonaire, Sint Eustatius en Saba als het Europese deel van het Koninkrijk verstaan.
3. Onder ‘Koninkrijk’ wordt verstaan: alle landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden.