BWBR0035059
Geldig vanaf 2022-04-06
Artikel 2.6
Regeling aanmelding en toelating hoger onderwijs
1. Een aspirant-student voldoet in ieder geval aan de bijzondere nadere vooropleidingseisen op het kennisgebied aardrijkskunde, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, van de Wet op het primair onderwijs, indien het vak aardrijkskunde deel heeft uitgemaakt van het examen ter verkrijging van het diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 2.5 van de WVO 2020.
2. Een aspirant-student voldoet in ieder geval aan de bijzondere nadere vooropleidingseisen op het kennisgebied geschiedenis, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel b, van de Wet op het primair onderwijs, indien het vak geschiedenis deel heeft uitgemaakt van het examen ter verkrijging van het diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 2.5 van de WVO 2020.
3. Een aspirant-student voldoet in ieder geval aan de bijzondere nadere vooropleidingseisen op het kennisgebied de natuur, waaronder biologie, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel c, van de Wet op het primair onderwijs, indien het vak natuurkunde, biologie of nlt (natuur, leven en technologie) deel heeft uitgemaakt van het examen ter verkrijging van het diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 2.5 van de WVO 2020.
2. Een aspirant-student voldoet in ieder geval aan de bijzondere nadere vooropleidingseisen op het kennisgebied geschiedenis, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel b, van de Wet op het primair onderwijs, indien het vak geschiedenis deel heeft uitgemaakt van het examen ter verkrijging van het diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 2.5 van de WVO 2020.
3. Een aspirant-student voldoet in ieder geval aan de bijzondere nadere vooropleidingseisen op het kennisgebied de natuur, waaronder biologie, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel c, van de Wet op het primair onderwijs, indien het vak natuurkunde, biologie of nlt (natuur, leven en technologie) deel heeft uitgemaakt van het examen ter verkrijging van het diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 2.5 van de WVO 2020.