BWBR0034271
Geldig vanaf 2014-01-01
Artikel 9
Besluit vergoedingen Kernenergiewet
1. De bedragen bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, en 7, tweede lid, worden met € 13.248 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 16.848,–verhoogd indien een milieueffectrapport als bedoeld in de Omgevingswetmoet worden gemaakt.
2. De bedragen bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, en 7, tweede lid, worden met € 14.784 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 19.043,–verhoogd indien daarbij de Commissie voor de milieueffectrapportage, bedoeld in de Omgevingswet, een advies moet geven.
3. Indien een extern advies wordt gevraagd worden de bedragen, bedoeld in de artikelen 4, 5, 6, 7, eerste lid, onderdeel c, tweede lid, onderdeel c, en 8, tweede lid, met de kosten van het externe advies verhoogd.
4. De bedragen, bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, en 7, tweede lid, worden verhoogd met:
a. € 250 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 319,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing is gegeven aan artikel 17, tweede of vierde lid, van de wet;
b. € 20.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 25.761,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing is gegeven aan artikel 17, eerste lid, van de wet;
c. € 10.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 12.880,– indien van het ontwerp van het te nemen en van het genomen besluit op basis van een wettelijk voorschrift kennis is gegeven in het buitenland;
d. € 10.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 12.880,– indien op basis van een wettelijk voorschrift een milieueffectrapport als bedoeld in de Omgevingswet is gemaakt en een kennisgeving hiervan in Nederland is geplaatst;
e. € 5.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 6.439,– indien op basis van een wettelijk voorschrift een milieueffectrapport als bedoeld in de Omgevingswet is gemaakt en een kennisgeving hiervan in het buitenland is geplaatst.
2. De bedragen bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, en 7, tweede lid, worden met € 14.784 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 19.043,–verhoogd indien daarbij de Commissie voor de milieueffectrapportage, bedoeld in de Omgevingswet, een advies moet geven.
3. Indien een extern advies wordt gevraagd worden de bedragen, bedoeld in de artikelen 4, 5, 6, 7, eerste lid, onderdeel c, tweede lid, onderdeel c, en 8, tweede lid, met de kosten van het externe advies verhoogd.
4. De bedragen, bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, en 7, tweede lid, worden verhoogd met:
a. € 250 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 319,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing is gegeven aan artikel 17, tweede of vierde lid, van de wet;
b. € 20.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 25.761,– indien bij de voorbereiding van de vergunning toepassing is gegeven aan artikel 17, eerste lid, van de wet;
c. € 10.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 12.880,– indien van het ontwerp van het te nemen en van het genomen besluit op basis van een wettelijk voorschrift kennis is gegeven in het buitenland;
d. € 10.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 12.880,– indien op basis van een wettelijk voorschrift een milieueffectrapport als bedoeld in de Omgevingswet is gemaakt en een kennisgeving hiervan in Nederland is geplaatst;
e. € 5.000 van 1 januari 2025 tot 1 januari 2026: € 6.439,– indien op basis van een wettelijk voorschrift een milieueffectrapport als bedoeld in de Omgevingswet is gemaakt en een kennisgeving hiervan in het buitenland is geplaatst.