BWBR0034079
Geldig vanaf 2013-10-29
Artikel 11.1
Beleidsregel binnenvaart 2013
Voor de toepassing van de artikelen 11.01, eerste en tweede lid, van het RosR 1995en 11.01, eerste en tweede lid, van Bijlage II van richtlijn 2006/87/EGgeldt ten aanzien van de stuurhuthefkolom het volgende.
a. Op de deur van de stuurhuthefkolom is een bord aangebracht met de tekst: ‘Geen toegang tijdens de vaart’.
b. Door middel van optische en akoestische afstandsbewaking kan in het stuurhuis worden vastgesteld of de deur naar de stuurhuthefkolom geopend is. Indien de bediening van de hefinrichting gekoppeld is aan deze afstandbewaking moet de noodzakinrichting echter te allen tijde blijven functioneren.
a. Op de deur van de stuurhuthefkolom is een bord aangebracht met de tekst: ‘Geen toegang tijdens de vaart’.
b. Door middel van optische en akoestische afstandsbewaking kan in het stuurhuis worden vastgesteld of de deur naar de stuurhuthefkolom geopend is. Indien de bediening van de hefinrichting gekoppeld is aan deze afstandbewaking moet de noodzakinrichting echter te allen tijde blijven functioneren.