BWBR0033327
Geldig vanaf 2013-04-25
Artikel 2.14
Beleidsregels van de Minister van Economische Zaken voor het opleggen van bestuurlijke boetes door de ACM
Boeteverlagende omstandigheden zijn in ieder geval:
a. de omstandigheid dat de overtreder anders dan in het kader van afdeling 2.2 van dit hoofdstuk, verdergaande medewerking aan de ACM heeft verleend dan waartoe hij wettelijk gehouden was;
b. de omstandigheid dat de overtreder de overtreding uit eigen beweging heeft beëindigd, waarbij meer gewicht toekomt aan het uit eigen beweging beëindigen van de overtreding voordat de ACM een onderzoek is begonnen dan nadat het onderzoek is gestart;
c. de omstandigheid dat de overtreder uit eigen beweging degenen aan wie door de overtreding schade is berokkend, schadeloos heeft gesteld.
a. de omstandigheid dat de overtreder anders dan in het kader van afdeling 2.2 van dit hoofdstuk, verdergaande medewerking aan de ACM heeft verleend dan waartoe hij wettelijk gehouden was;
b. de omstandigheid dat de overtreder de overtreding uit eigen beweging heeft beëindigd, waarbij meer gewicht toekomt aan het uit eigen beweging beëindigen van de overtreding voordat de ACM een onderzoek is begonnen dan nadat het onderzoek is gestart;
c. de omstandigheid dat de overtreder uit eigen beweging degenen aan wie door de overtreding schade is berokkend, schadeloos heeft gesteld.