BWBR0032899
Geldig vanaf 2013-03-15
Artikel 2
Regeling verdeling op afroep
1. Een aanvraag tot verlening van een vergunning voor het gebruik van frequentieruimte als bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, onderdeel b, van de Telecommunicatiewetgeschiedt door middel van een daartoe strekkend formulier. De aanvraag bevat de in het formulier genoemde gegevens en bescheiden.
2. De aanvraag is in de Nederlandse taal gesteld.
3. In de aanvraag worden de namen vermeld van ten minste één en ten hoogste vier natuurlijke personen, die ieder voor zich zelfstandig bevoegd zijn om de aanvraag namens de aanvrager in te dienen alsmede in het geval van een veiling namens de aanvrager handelingen te verrichten gedurende de veiling en die daartoe beschikken over een rechtsgeldige en toereikende volmacht.
4. Met de gegevens en bescheiden, bedoeld in het eerste lid, worden gelijkgesteld zodanige gegevens en bescheiden krachtens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.
5. De gegevens en bescheiden, bedoeld in het vierde lid, mogen in afwijking van het tweede lid, in een van de officiële talen van de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte worden gesteld. In dat geval worden die gegevens en bescheiden vergezeld van een Nederlandse vertaling van die gegevens en bescheiden tenzij het gegevens en bescheiden betreft die in de Engelse taal zijn gesteld.
6. Een aanvrager dient per VOA-procedure ten hoogste één aanvraag in.
7. De aanvraag wordt ingediend per post dan wel door persoonlijke overhandiging op een bij publicatie van het aanvraagformulier door de minister bekendgemaakt adres, dan wel, indien beschikbaar, via een door de minister bij publicatie van het aanvraagformulier aan te wijzen elektronisch communicatiekanaal. De persoonlijke overhandiging vindt plaats op werkdagen tussen 8:30 uur en 16:00 uur.
2. De aanvraag is in de Nederlandse taal gesteld.
3. In de aanvraag worden de namen vermeld van ten minste één en ten hoogste vier natuurlijke personen, die ieder voor zich zelfstandig bevoegd zijn om de aanvraag namens de aanvrager in te dienen alsmede in het geval van een veiling namens de aanvrager handelingen te verrichten gedurende de veiling en die daartoe beschikken over een rechtsgeldige en toereikende volmacht.
4. Met de gegevens en bescheiden, bedoeld in het eerste lid, worden gelijkgesteld zodanige gegevens en bescheiden krachtens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.
5. De gegevens en bescheiden, bedoeld in het vierde lid, mogen in afwijking van het tweede lid, in een van de officiële talen van de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte worden gesteld. In dat geval worden die gegevens en bescheiden vergezeld van een Nederlandse vertaling van die gegevens en bescheiden tenzij het gegevens en bescheiden betreft die in de Engelse taal zijn gesteld.
6. Een aanvrager dient per VOA-procedure ten hoogste één aanvraag in.
7. De aanvraag wordt ingediend per post dan wel door persoonlijke overhandiging op een bij publicatie van het aanvraagformulier door de minister bekendgemaakt adres, dan wel, indien beschikbaar, via een door de minister bij publicatie van het aanvraagformulier aan te wijzen elektronisch communicatiekanaal. De persoonlijke overhandiging vindt plaats op werkdagen tussen 8:30 uur en 16:00 uur.