BWBR0032105
Geldig vanaf 2016-03-16
Artikel 3
Subsidieregeling opleidingen publieke gezondheidszorg 2018
1. Bij het verstrekken van de instellingssubsidie wordt onderscheid gemaakt naar instroom en doorstroom.
2. De minister stelt uiterlijk 15 augustus voorafgaande aan het subsidiejaar een plan vast voor de instroom die ten hoogste in aanmerking kan komen voor de instellingssubsidie. In het plan wordt onderscheid gemaakt naar zorgopleiding en opleidingsinrichting.
3. De minister stelt GGD Nederland, ActiZ en de Koepel Artsen Maatschappij en Gezondheid in de gelegenheid uiterlijk 15 juli voorafgaande aan het subsidiejaar een advies uit te brengen over het plan.
4. Doorstroom kan slechts in aanmerking komen voor de instellingssubsidie indien ten behoeve van de desbetreffende artsen in opleiding voorafgaand aan het subsidiejaar een instellingssubsidie is verstrekt op grond van deze regeling of de Subsidieregeling zorgopleidingen 2e tranche.
2. De minister stelt uiterlijk 15 augustus voorafgaande aan het subsidiejaar een plan vast voor de instroom die ten hoogste in aanmerking kan komen voor de instellingssubsidie. In het plan wordt onderscheid gemaakt naar zorgopleiding en opleidingsinrichting.
3. De minister stelt GGD Nederland, ActiZ en de Koepel Artsen Maatschappij en Gezondheid in de gelegenheid uiterlijk 15 juli voorafgaande aan het subsidiejaar een advies uit te brengen over het plan.
4. Doorstroom kan slechts in aanmerking komen voor de instellingssubsidie indien ten behoeve van de desbetreffende artsen in opleiding voorafgaand aan het subsidiejaar een instellingssubsidie is verstrekt op grond van deze regeling of de Subsidieregeling zorgopleidingen 2e tranche.