BWBR0031997
Geldig vanaf 2012-09-25
Artikel 5
Besluit mandaat, volmacht en machtiging ProRail inzake bevoegdheden Spoorwegwet
1. Aan de president-directeur wordt mandaat verleend om namens de minister te beslissen op een bezwaar tegen een besluit als bedoeld in artikel 2, voorzover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen.
2. De president-directeur kan van het in het eerste lid aan hem verleende mandaat ondermandaat verlenen aan één of meerdere onder hem ressorterende functionarissen, voorzover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door dezelfde functionaris is genomen.
3. Aan de president-directeur wordt tevens een machtiging verleend om ter voorbereiding van de in het eerste lid bedoelde besluiten de benodigde handelingen te verrichten.
4. De president-directeur kan de in het derde lid verleende machtiging doorgeven aan één of meerdere onder hem ressorterende functionarissen.
2. De president-directeur kan van het in het eerste lid aan hem verleende mandaat ondermandaat verlenen aan één of meerdere onder hem ressorterende functionarissen, voorzover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door dezelfde functionaris is genomen.
3. Aan de president-directeur wordt tevens een machtiging verleend om ter voorbereiding van de in het eerste lid bedoelde besluiten de benodigde handelingen te verrichten.
4. De president-directeur kan de in het derde lid verleende machtiging doorgeven aan één of meerdere onder hem ressorterende functionarissen.