BWBR0031997
Geldig vanaf 2012-09-25
Artikel 3
Besluit mandaat, volmacht en machtiging ProRail inzake bevoegdheden Spoorwegwet
1. Aan de president-directeur wordt een volmacht verleend om toepassing te geven aan de Overeenkomst inzake verleggingen van kabels en leidingen buiten beheersgebied (Stcrt. 1999, nr. 97), voorzover de toepassing van deze overeenkomst samenhangt met:
1°. het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
2°. een tracébesluit, voorzover ProRail belast is met de werkzaamheden op grond van het desbetreffende tracébesluit, of
3°. een besluit als bedoeld in het Besluit infrastructuurfonds en waarvoor ProRail belast is met de uitvoering van werkzaamheden.
2. De president-directeur kan de in het eerste lid verleende volmacht doorgeven aan één of meerdere onder hem ressorterende functionarissen.
1°. het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
2°. een tracébesluit, voorzover ProRail belast is met de werkzaamheden op grond van het desbetreffende tracébesluit, of
3°. een besluit als bedoeld in het Besluit infrastructuurfonds en waarvoor ProRail belast is met de uitvoering van werkzaamheden.
2. De president-directeur kan de in het eerste lid verleende volmacht doorgeven aan één of meerdere onder hem ressorterende functionarissen.