BWBR0031814
Geldig vanaf 2012-11-01
Artikel 2:5
Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties
De instemming van de veroordeelde met de toezending van de rechterlijke uitspraak is niet vereist indien:
a. de veroordeelde Nederlander is en in Nederland zijn vaste woon- of verblijfplaats heeft;
b. de veroordeelde na invrijheidstelling naar Nederland kan worden uitgezet als gevolg van een daartoe strekkende beslissing in de uitvaardigende lidstaat;
c. de veroordeelde naar Nederland is gevlucht of teruggekeerd naar aanleiding van de tegen hem in de uitvaardigende lidstaat ingestelde strafvervolging of na de veroordeling in die staat.
a. de veroordeelde Nederlander is en in Nederland zijn vaste woon- of verblijfplaats heeft;
b. de veroordeelde na invrijheidstelling naar Nederland kan worden uitgezet als gevolg van een daartoe strekkende beslissing in de uitvaardigende lidstaat;
c. de veroordeelde naar Nederland is gevlucht of teruggekeerd naar aanleiding van de tegen hem in de uitvaardigende lidstaat ingestelde strafvervolging of na de veroordeling in die staat.