BWBR0031814
Geldig vanaf 2012-11-01
Artikel 2:10
Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties
1. Onze Minister beslist binnen een termijn van negentig dagen na ontvangst van het certificaat over de erkenning van de rechterlijke uitspraak.
2. De beslissing van Onze Minister kan slechts worden uitgesteld:
a. totdat een vertaling beschikbaar is als bedoeld in artikel 2:8, derde en vijfde lid;
b. totdat binnen redelijke termijn is voldaan aan het verzoek, bedoeld in artikel 2:8, vierde lid;
c. indien het vanwege uitzonderlijke omstandigheden niet mogelijk is de termijn, bedoeld in het eerste lid, te halen.
3. Onze Minister stelt de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat onverwijld in kennis van de uitzonderlijke omstandigheden, bedoeld in het tweede lid, onder c, en van de tijd die benodigd is om een beslissing te nemen.
2. De beslissing van Onze Minister kan slechts worden uitgesteld:
a. totdat een vertaling beschikbaar is als bedoeld in artikel 2:8, derde en vijfde lid;
b. totdat binnen redelijke termijn is voldaan aan het verzoek, bedoeld in artikel 2:8, vierde lid;
c. indien het vanwege uitzonderlijke omstandigheden niet mogelijk is de termijn, bedoeld in het eerste lid, te halen.
3. Onze Minister stelt de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat onverwijld in kennis van de uitzonderlijke omstandigheden, bedoeld in het tweede lid, onder c, en van de tijd die benodigd is om een beslissing te nemen.