BWBR0031753
Geldig vanaf 2015-12-11
Artikel 4
Tijdelijke regeling overstap naar een niet substantieel bezwarende functie
1. Indien aan de ambtenaar het arrangement, bedoeld in artikel 3, onder a, wordt toegekend, wordt een door de ambtenaar en het bevoegd gezag ondertekend mobiliteitsplan opgesteld, gericht op de overstap naar een andere functie.
2. In het mobiliteitsplan kunnen onder meer de eigen kwaliteiten, ontwikkelpunten, reële loopbaanwensen en het volgen van relevante scholing worden opgenomen.
3. Indien de ambtenaar een studie volgt of gaat volgen die aantoonbaar bijdraagt aan het realiseren van de in het mobiliteitsplan vastgelegde loopbaanafspraken, worden studiefaciliteiten als bedoeld in artikel 59, derde lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, toegekend.
4. Ten aanzien van de terugbetaling van de aan hem toegekende studiefaciliteiten is artikel 59, zesde lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglementvan toepassing.
5. Het mobiliteitsplan wordt binnen vier jaar na de toekenning van het arrangement, bedoeld in artikel 3, onder a, uitgevoerd. In die periode biedt het bevoegd gezag een passende functie overeenkomstig artikel 49h, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglementaan.
6. De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, heeft bij de vervulling van vacatures binnen de sector Rijk een voorrangspositie op andere kandidaten.
7. Voor de intensieve begeleiding van de ambtenaar worden, indien nodig, alle mogelijke mobiliteitsinstrumenten ingezet.
2. In het mobiliteitsplan kunnen onder meer de eigen kwaliteiten, ontwikkelpunten, reële loopbaanwensen en het volgen van relevante scholing worden opgenomen.
3. Indien de ambtenaar een studie volgt of gaat volgen die aantoonbaar bijdraagt aan het realiseren van de in het mobiliteitsplan vastgelegde loopbaanafspraken, worden studiefaciliteiten als bedoeld in artikel 59, derde lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, toegekend.
4. Ten aanzien van de terugbetaling van de aan hem toegekende studiefaciliteiten is artikel 59, zesde lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglementvan toepassing.
5. Het mobiliteitsplan wordt binnen vier jaar na de toekenning van het arrangement, bedoeld in artikel 3, onder a, uitgevoerd. In die periode biedt het bevoegd gezag een passende functie overeenkomstig artikel 49h, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglementaan.
6. De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, heeft bij de vervulling van vacatures binnen de sector Rijk een voorrangspositie op andere kandidaten.
7. Voor de intensieve begeleiding van de ambtenaar worden, indien nodig, alle mogelijke mobiliteitsinstrumenten ingezet.