Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. het ministerie: het Ministerie van Buitenlandse Zaken;
b. een buitenlandse reis: een voor rekening van het ministerie komende reis waarvan het reisgedeelte buiten Nederland meer dan beperkt is;
c. het RDBZ: het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken;
d. het DBZV 2007: het Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007;
e. de Rrlok 2005: de Rechtspositieregeling lokaal indienstgenomen werknemers 2005;
f. het departement: het in Nederland gevestigde deel van het ministerie;
g. een post: een vertegenwoordiging van het Koninkrijk in het buitenland als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van het RDBZ;
h. een ambtenaar: degene die krachtens artikel 5, tweede lid, onderdeel a, van het RDBZ is aangesteld als ambtenaar van de Dienst Buitenlandse Zaken;
i. een werknemer: degene die krachtens artikel 114 van het RDBZ voor werkzaamheden bij een post op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht in dienst is genomen;
k. een ander: degene die bij het departement is gedetacheerd overeenkomstig artikel 8, eerste lid, van het RDBZ of aan een post is toegevoegd overeenkomstig artikel 8, derde lid, van het RDBZ;
l. de standplaats: de plaats van vestiging van de post waar betrokkene te werk is gesteld;
m. HDPO: de Hoofddirecteur Personeel en Organisatie van het ministerie;
l. FEZ: de Directeur Financieel Economische Zaken van het ministerie;
n. CdP: het hoofd van de post.
a. het ministerie: het Ministerie van Buitenlandse Zaken;
b. een buitenlandse reis: een voor rekening van het ministerie komende reis waarvan het reisgedeelte buiten Nederland meer dan beperkt is;
c. het RDBZ: het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken;
d. het DBZV 2007: het Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007;
e. de Rrlok 2005: de Rechtspositieregeling lokaal indienstgenomen werknemers 2005;
f. het departement: het in Nederland gevestigde deel van het ministerie;
g. een post: een vertegenwoordiging van het Koninkrijk in het buitenland als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van het RDBZ;
h. een ambtenaar: degene die krachtens artikel 5, tweede lid, onderdeel a, van het RDBZ is aangesteld als ambtenaar van de Dienst Buitenlandse Zaken;
i. een werknemer: degene die krachtens artikel 114 van het RDBZ voor werkzaamheden bij een post op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht in dienst is genomen;
k. een ander: degene die bij het departement is gedetacheerd overeenkomstig artikel 8, eerste lid, van het RDBZ of aan een post is toegevoegd overeenkomstig artikel 8, derde lid, van het RDBZ;
l. de standplaats: de plaats van vestiging van de post waar betrokkene te werk is gesteld;
m. HDPO: de Hoofddirecteur Personeel en Organisatie van het ministerie;
l. FEZ: de Directeur Financieel Economische Zaken van het ministerie;
n. CdP: het hoofd van de post.