BWBR0031426
Geldig vanaf 2013-01-19
Artikel 3
Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorieën A1, A2 en A
Tijdens het praktijkexamen Verkeersdeelneming voor de rijbewijscategorie A1 dient de aanvrager in staat te zijn om in verkeerssituaties op veilige wijze:
a. de kant van de weg of de parkeerruimte te verlaten;
b. op het juiste weggedeelte en met aanpassing van de snelheid aan de weg- en verkeersomstandigheden aan het verkeer deel te nemen;
c. te rijden op rechte weggedeelten;
d. bochten te rijden;
e. van rijstrook te veranderen en andere zijdelingse verplaatsingen uit te voeren;
f. andere weggebruikers in te halen, alsook obstakels voorbij te rijden;
g. juist te handelen ten opzichte van tegenliggers, ook bij wegversmallingen;
h. door overige weggebruikers tegemoet gekomen en ingehaald worden;
i. een overweg te naderen en veilig over te steken;
j. te rijden nabij en op bijzondere weggedeelten, zoals erven, in- en uitritten, voetgangersoversteekplaatsen, tram- en bushaltes;
k. een kruispunt te naderen en over te steken;
l. rechts of links af te slaan op kruispunten;
m. via de invoegstrook de doorgaande rijbaan op te rijden (invoegen) en via de uitvoegstrook de doorgaande rijbaan te verlaten (uitvoegen);
n. een rotonde te berijden;
o. te rijden in tunnels.
a. de kant van de weg of de parkeerruimte te verlaten;
b. op het juiste weggedeelte en met aanpassing van de snelheid aan de weg- en verkeersomstandigheden aan het verkeer deel te nemen;
c. te rijden op rechte weggedeelten;
d. bochten te rijden;
e. van rijstrook te veranderen en andere zijdelingse verplaatsingen uit te voeren;
f. andere weggebruikers in te halen, alsook obstakels voorbij te rijden;
g. juist te handelen ten opzichte van tegenliggers, ook bij wegversmallingen;
h. door overige weggebruikers tegemoet gekomen en ingehaald worden;
i. een overweg te naderen en veilig over te steken;
j. te rijden nabij en op bijzondere weggedeelten, zoals erven, in- en uitritten, voetgangersoversteekplaatsen, tram- en bushaltes;
k. een kruispunt te naderen en over te steken;
l. rechts of links af te slaan op kruispunten;
m. via de invoegstrook de doorgaande rijbaan op te rijden (invoegen) en via de uitvoegstrook de doorgaande rijbaan te verlaten (uitvoegen);
n. een rotonde te berijden;
o. te rijden in tunnels.