BWBR0030327
Geldig vanaf 2011-08-02
Artikel 5
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit directie Communicatie 2011
Het hoofd van de afdeling Strategische Communicatie is verantwoordelijk voor:
a. het strategisch adviseren over de inzet van communicatie aan bewindspersonen, de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en beleidsdirecties in alle beleidsfases;
b. het adviseren over de wijze waarop beleid kan landen in de samenleving;
c. het beoordelen van beleidsvoornemens vanuit het oogpunt van de doelgroep, zoals stakeholders, professionals, burgers en jongeren;
d. het adviseren over de samenhang van beleidscommunicatie richting de in onderdeel c genoemde doelgroep;
e. het verankeren van communicatie in het beleid van het ministerie;
f. het helpen van beleidsambtenaren bij de totstandkoming van communicatief beleid;
g. het ontwikkelen van communicatiestrategieën;
h. het ontwikkelen van de regie over de uit de communicatiestrategieën volgende communicatiemiddelen;
i. het adviseren over de totstandkoming van de corporate communicatiestrategie;
j. het begeleiden van de corporate communicatiestrategie;
k. het vaststellen en bewaken van strategische doelen en uitgangspunten van de interne communicatie;
l. het adviseren over de inzet van interne communicatie;
m. het adviseren en begeleiden van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en de directeuren over en tijdens contacten met de pers en bij externe optredens.
a. het strategisch adviseren over de inzet van communicatie aan bewindspersonen, de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en beleidsdirecties in alle beleidsfases;
b. het adviseren over de wijze waarop beleid kan landen in de samenleving;
c. het beoordelen van beleidsvoornemens vanuit het oogpunt van de doelgroep, zoals stakeholders, professionals, burgers en jongeren;
d. het adviseren over de samenhang van beleidscommunicatie richting de in onderdeel c genoemde doelgroep;
e. het verankeren van communicatie in het beleid van het ministerie;
f. het helpen van beleidsambtenaren bij de totstandkoming van communicatief beleid;
g. het ontwikkelen van communicatiestrategieën;
h. het ontwikkelen van de regie over de uit de communicatiestrategieën volgende communicatiemiddelen;
i. het adviseren over de totstandkoming van de corporate communicatiestrategie;
j. het begeleiden van de corporate communicatiestrategie;
k. het vaststellen en bewaken van strategische doelen en uitgangspunten van de interne communicatie;
l. het adviseren over de inzet van interne communicatie;
m. het adviseren en begeleiden van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en de directeuren over en tijdens contacten met de pers en bij externe optredens.