BWBR0029876
Geldig vanaf 04-05-2013
Artikel 12
Verordening financiën bedrijfslichamen 2011
1. In de begroting worden de belangrijkste posten en de belangrijkste verschillen ten opzichte van het vorige begrotingsjaar toegelicht.
2. De toelichting bevat ten minste:
a. een specificatie van de baten en lasten als bedoeld in bijlage 2 aangevuld met bedragen voor begin- en eindstand van de omvang van de algemene reserve, bestemmingsreserves en eventuele bestemmingsfondsen;
b. een overzicht van de algemene heffings-, bestemmingsheffings- en retributieverordeningen die ten grondslag liggen aan de begroting, met hun tarieven, heffingsgrondslagen, begrote bruto-heffingsopbrengst(en), eventuele aftrek als bedoeld in artikel 126, zesde lid, van de wet en begrote netto-opbrengst(en);
c. een uiteenzetting over de financiële positie van het bedrijfslichaam;
d. een overzicht van de personele sterkte, zowel uitgedrukt in aantal personeelsleden als in voltijdeenheden;
e. een overzicht van de personeelskosten gespecificeerd naar: a. salarissen;
b. socialeverzekeringspremies;
c. pensioenpremies;
d. niet in premieverband betaalde sociale lasten en overige personeelskosten van het eigen personeel;
a. salarissen;
b. socialeverzekeringspremies;
c. pensioenpremies;
d. niet in premieverband betaalde sociale lasten en overige personeelskosten van het eigen personeel;
f. een overzicht van de vergoedingen van de voorzitter, ingericht overeenkomstig het bepaalde in artikel 4.1, eerste en tweede lid, van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector;
g. vermelding van de benoemingsgerechtigde organisaties waaraan subsidie wordt verstrekt of waarvan diensten worden ingekocht, alsmede instellingen waarin deze organisaties participeren en waaraan subsidie wordt verstrekt of waarvan diensten ten behoeve van de sector of het schap worden ingekocht, plus de daarmee gemoeide bedragen en de bestedingsdoeleinden;
h. vermelding van de overige personen en rechtspersonen waaraan subsidie wordt verstrekt of waarvan diensten ten behoeve van de sector worden ingekocht, plus de daarmee gemoeide bedragen en de bestedingsdoeleinden; hierbij geldt als ondergrens: 50.000 euro per subsidie of ingekochte dienst ten behoeve van de sector of, indien het totaal aan subsidies of ingekochte diensten niet méér bedraagt dan een miljoen euro, vijf procent van het begrote bedrag aan subsidies en ingekochte diensten;
3. De specificaties en overzichten in het tweede lid onder a., d., e. en f. bevatten de bedragen van het komende begrotingsjaar, het lopende begrotingsjaar en de gerealiseerde bedragen van het daaraan voorafgaande verslagjaar.
2. De toelichting bevat ten minste:
a. een specificatie van de baten en lasten als bedoeld in bijlage 2 aangevuld met bedragen voor begin- en eindstand van de omvang van de algemene reserve, bestemmingsreserves en eventuele bestemmingsfondsen;
b. een overzicht van de algemene heffings-, bestemmingsheffings- en retributieverordeningen die ten grondslag liggen aan de begroting, met hun tarieven, heffingsgrondslagen, begrote bruto-heffingsopbrengst(en), eventuele aftrek als bedoeld in artikel 126, zesde lid, van de wet en begrote netto-opbrengst(en);
c. een uiteenzetting over de financiële positie van het bedrijfslichaam;
d. een overzicht van de personele sterkte, zowel uitgedrukt in aantal personeelsleden als in voltijdeenheden;
e. een overzicht van de personeelskosten gespecificeerd naar: a. salarissen;
b. socialeverzekeringspremies;
c. pensioenpremies;
d. niet in premieverband betaalde sociale lasten en overige personeelskosten van het eigen personeel;
a. salarissen;
b. socialeverzekeringspremies;
c. pensioenpremies;
d. niet in premieverband betaalde sociale lasten en overige personeelskosten van het eigen personeel;
f. een overzicht van de vergoedingen van de voorzitter, ingericht overeenkomstig het bepaalde in artikel 4.1, eerste en tweede lid, van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector;
g. vermelding van de benoemingsgerechtigde organisaties waaraan subsidie wordt verstrekt of waarvan diensten worden ingekocht, alsmede instellingen waarin deze organisaties participeren en waaraan subsidie wordt verstrekt of waarvan diensten ten behoeve van de sector of het schap worden ingekocht, plus de daarmee gemoeide bedragen en de bestedingsdoeleinden;
h. vermelding van de overige personen en rechtspersonen waaraan subsidie wordt verstrekt of waarvan diensten ten behoeve van de sector worden ingekocht, plus de daarmee gemoeide bedragen en de bestedingsdoeleinden; hierbij geldt als ondergrens: 50.000 euro per subsidie of ingekochte dienst ten behoeve van de sector of, indien het totaal aan subsidies of ingekochte diensten niet méér bedraagt dan een miljoen euro, vijf procent van het begrote bedrag aan subsidies en ingekochte diensten;
3. De specificaties en overzichten in het tweede lid onder a., d., e. en f. bevatten de bedragen van het komende begrotingsjaar, het lopende begrotingsjaar en de gerealiseerde bedragen van het daaraan voorafgaande verslagjaar.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029876
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl