BWBR0029668
Geldig vanaf 2011-03-04
Artikel 2.11
Regeling dierlijke bijproducten 2011
1. In afwijking van artikel 2.4, eerste lid, en artikel 2.10, is het toegestaan om gezelschapsdieren te begraven, als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onderdeel a, van de basisverordening, mits:
a. de dode gezelschapsdieren rechtstreeks als afval worden verwijderd door begraving op een terrein dat ter beschikking staat van de eigenaar of houder van desbetreffende dode dieren, dan wel op een plaats die ingevolge een besluit van het college van burgemeester en wethouders daarvoor is toegelaten, en
b. de begraving van de kadavers plaatsvindt overeenkomstig de voorwaarden zoals bedoeld in artikel 15, onderdeel a, van de uitvoeringsverordening.
2. In afwijking van artikel 2.4, eerste lid, en artikel 2.10, is het toegestaan om bijproducten van bijen en bijenteelt te verwijderen door verbranding of begraving ter plaatse, als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onderdeel f, van de basisverordening.
3. In afwijking van artikel 2.4, eerste lid, en artikel 2.10, is het tot 1 januari 2013 toegestaan om met toepassing van artikel 19, eerste lid, onderdeel d, van de basisverordening categorie 3-materiaal tot een maximale hoeveelheid van 20 kilogram per week te verzamelen, te vervoeren en te verwijderen overeenkomstig de voorwaarden zoals opgenomen in Bijlage VI, Hoofdstuk IV, van de uitvoeringsverordening.
a. de dode gezelschapsdieren rechtstreeks als afval worden verwijderd door begraving op een terrein dat ter beschikking staat van de eigenaar of houder van desbetreffende dode dieren, dan wel op een plaats die ingevolge een besluit van het college van burgemeester en wethouders daarvoor is toegelaten, en
b. de begraving van de kadavers plaatsvindt overeenkomstig de voorwaarden zoals bedoeld in artikel 15, onderdeel a, van de uitvoeringsverordening.
2. In afwijking van artikel 2.4, eerste lid, en artikel 2.10, is het toegestaan om bijproducten van bijen en bijenteelt te verwijderen door verbranding of begraving ter plaatse, als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onderdeel f, van de basisverordening.
3. In afwijking van artikel 2.4, eerste lid, en artikel 2.10, is het tot 1 januari 2013 toegestaan om met toepassing van artikel 19, eerste lid, onderdeel d, van de basisverordening categorie 3-materiaal tot een maximale hoeveelheid van 20 kilogram per week te verzamelen, te vervoeren en te verwijderen overeenkomstig de voorwaarden zoals opgenomen in Bijlage VI, Hoofdstuk IV, van de uitvoeringsverordening.