BWBR0029453
Geldig vanaf 2011-01-22
Artikel 37
Organisatieregeling Ministerie van Veiligheid en Justitie
1. De directie Sanctie- en Preventiebeleid (DSP) is belast met de advisering aan de departementsleiding over en de coördinatie, ontwikkeling en evaluatie van beleid dat gericht is op het bevorderen van de veiligheid van de maatschappij door:
a. de consequente en effectieve tenuitvoerlegging van vrijheidsbenemende en vrijheidsbeperkende straffen en maatregelen bij volwassenen;
b. de vermindering van de recidive door gedragsinterventies en goede aansluiting op maatschappelijke opvang;
c. het aanbieden van dienstverlening aan slachtoffers van criminaliteit;
d. het voorkomen van criminaliteit door inzet van preventieve maatregelen met het oog op een veilige en rechtvaardige samenleving.
2. Tevens is de directie belast met de advisering aan de departementsleiding over en de ontwikkeling, coördinatie en evaluatie van beleid dat gericht is op het reguleren en beheersen van kansspelen met bijzondere aandacht voor het beschermen van de consument, het tegengaan van gokverslaving en het tegengaan van illegaliteit en criminaliteit.
3. De directie heeft op haar terrein een coördinerende taak in de besturing en beleidsvoering van de Dienst JUSTIS en de dienst Justitiële Inrichtingen, voor zover het haar beleidsterrein betreft.
4. De directie is beleidsmatig en budgettair verantwoordelijk voor de door de directie gesubsidieerde organisaties en instellingen en stuurt deze aan.
5. De directie wordt ondersteund door een staf en bestaat uit:
a. de afdeling Sanctie- en Reclasseringsbeleid;
b. de afdeling Preventie- en Slachtofferbeleid;
c. het programma Sluitende aanpak nazorg;
d. het programma Justitiële Voorwaarden;
e. het programma Aanpak geweld in het (semi-)publieke domein;
f. het tijdelijke programma Kansspelen;
g. het secretariaat van het Schadefonds Geweldsmisdrijven (secretariaat SGM);
h. het secretariaat van de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming (secretariaat RSJ);
i. het bureau van het College van toezicht op de kansspelen (bureau CvtK).
6. De in het vijfde lid onder g, h en i, genoemde dienstonderdelen zijn belast met de bedrijfsvoering en ondersteuning van de in die onderdelen genoemde zelfstandige bestuursorganen.
a. de consequente en effectieve tenuitvoerlegging van vrijheidsbenemende en vrijheidsbeperkende straffen en maatregelen bij volwassenen;
b. de vermindering van de recidive door gedragsinterventies en goede aansluiting op maatschappelijke opvang;
c. het aanbieden van dienstverlening aan slachtoffers van criminaliteit;
d. het voorkomen van criminaliteit door inzet van preventieve maatregelen met het oog op een veilige en rechtvaardige samenleving.
2. Tevens is de directie belast met de advisering aan de departementsleiding over en de ontwikkeling, coördinatie en evaluatie van beleid dat gericht is op het reguleren en beheersen van kansspelen met bijzondere aandacht voor het beschermen van de consument, het tegengaan van gokverslaving en het tegengaan van illegaliteit en criminaliteit.
3. De directie heeft op haar terrein een coördinerende taak in de besturing en beleidsvoering van de Dienst JUSTIS en de dienst Justitiële Inrichtingen, voor zover het haar beleidsterrein betreft.
4. De directie is beleidsmatig en budgettair verantwoordelijk voor de door de directie gesubsidieerde organisaties en instellingen en stuurt deze aan.
5. De directie wordt ondersteund door een staf en bestaat uit:
a. de afdeling Sanctie- en Reclasseringsbeleid;
b. de afdeling Preventie- en Slachtofferbeleid;
c. het programma Sluitende aanpak nazorg;
d. het programma Justitiële Voorwaarden;
e. het programma Aanpak geweld in het (semi-)publieke domein;
f. het tijdelijke programma Kansspelen;
g. het secretariaat van het Schadefonds Geweldsmisdrijven (secretariaat SGM);
h. het secretariaat van de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming (secretariaat RSJ);
i. het bureau van het College van toezicht op de kansspelen (bureau CvtK).
6. De in het vijfde lid onder g, h en i, genoemde dienstonderdelen zijn belast met de bedrijfsvoering en ondersteuning van de in die onderdelen genoemde zelfstandige bestuursorganen.