BWBR0029175
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 8
Besluit buitengewone agenten van politie BES
1. De werkgever dient een aanvraag tot het verlenen van een akte van opsporingsbevoegdheid in bij Onze Minister.
2. De aanvraag bevat in ieder geval:
a. een aanduiding van de feiten waarvoor de opsporingsbevoegdheid wordt aangevraagd;
b. een aanduiding van het grondgebied waarvoor opsporingsbevoegdheid moet gelden;
c. de naam, voornamen, woonplaats alsmede geboortedatum en -plaats van de persoon, ten behoeve van wie de aanvraag wordt gedaan;
d. een omschrijving van diens functie.
3. Bij de aanvraag wordt een bewijs van bekwaamheid van de desbetreffende persoon gevoegd. Indien de aanvraag betrekking heeft op de verlenging of wijziging van de akte van opsporingsbevoegdheid wordt een bewijs van beëdiging bijgevoegd.
2. De aanvraag bevat in ieder geval:
a. een aanduiding van de feiten waarvoor de opsporingsbevoegdheid wordt aangevraagd;
b. een aanduiding van het grondgebied waarvoor opsporingsbevoegdheid moet gelden;
c. de naam, voornamen, woonplaats alsmede geboortedatum en -plaats van de persoon, ten behoeve van wie de aanvraag wordt gedaan;
d. een omschrijving van diens functie.
3. Bij de aanvraag wordt een bewijs van bekwaamheid van de desbetreffende persoon gevoegd. Indien de aanvraag betrekking heeft op de verlenging of wijziging van de akte van opsporingsbevoegdheid wordt een bewijs van beëdiging bijgevoegd.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029175
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl