BWBR0029175
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 37
Besluit buitengewone agenten van politie BES
1. Onverminderd artikel 35, eerste lid, onder b, kan Onze Minister de buitengewoon agent van politie in zijn ambt schorsen:
a. indien een strafrechtelijke vervolging ter zake van een misdrijf tegen hem is ingesteld;
b. wanneer hem het voornemen tot bestraffing met onvoorwaardelijk ontslag is meegedeeld dan wel wanneer hem die straf is opgelegd, of
c. wanneer het dienstbelang dit bepaaldelijk vereist.
2. In afwachting van de schorsing kan de buitengewoon agent van politie buiten functie worden gesteld door Onze Minister.
3. De duur van de schorsing bedraagt maximaal zes maanden. In zeer bijzondere gevallen kan deze termijn eenmaal met drie maanden worden verlengd.
a. indien een strafrechtelijke vervolging ter zake van een misdrijf tegen hem is ingesteld;
b. wanneer hem het voornemen tot bestraffing met onvoorwaardelijk ontslag is meegedeeld dan wel wanneer hem die straf is opgelegd, of
c. wanneer het dienstbelang dit bepaaldelijk vereist.
2. In afwachting van de schorsing kan de buitengewoon agent van politie buiten functie worden gesteld door Onze Minister.
3. De duur van de schorsing bedraagt maximaal zes maanden. In zeer bijzondere gevallen kan deze termijn eenmaal met drie maanden worden verlengd.
- Citeren als
- Art. 37
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029175
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl