BWBR0029175
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 10
Besluit buitengewone agenten van politie BES
1. De werkgever dient een aanvraag tot aanwijzing van categorieën of eenheden als bedoeld in artikel 184, eerste lid, onder c, van het Wetboek van Strafvordering BES in bij Onze Minister.
2. De aanvraag bevat in ieder geval:
a. een aanduiding van de feiten waarvoor de opsporingsbevoegdheid wordt aangevraagd;
b. een aanduiding van het grondgebied waarvoor opsporingsbevoegdheid moet gelden;
c. een omschrijving van de categorie of eenheid binnen de organisatie en van de functies, waarvan opsporingsbevoegdheid deel moet uitmaken, en
d. een opgave van het hoogste aantal personen dat in die functie moet kunnen worden aangesteld.
3. In de beschikking waarbij de aanwijzing wordt gedaan, wordt het hoogste aantal personen vermeld dat op grond van de beschikking kan worden beëdigd als buitengewoon agent van politie.
2. De aanvraag bevat in ieder geval:
a. een aanduiding van de feiten waarvoor de opsporingsbevoegdheid wordt aangevraagd;
b. een aanduiding van het grondgebied waarvoor opsporingsbevoegdheid moet gelden;
c. een omschrijving van de categorie of eenheid binnen de organisatie en van de functies, waarvan opsporingsbevoegdheid deel moet uitmaken, en
d. een opgave van het hoogste aantal personen dat in die functie moet kunnen worden aangesteld.
3. In de beschikking waarbij de aanwijzing wordt gedaan, wordt het hoogste aantal personen vermeld dat op grond van de beschikking kan worden beëdigd als buitengewoon agent van politie.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029175
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl