BWBR0028898
Geldig vanaf 2011-01-01
Artikel 8
Uitvoeringsregeling Besluit vervoer ontplofbare stoffen krijgsmacht 2011
1. Verpakkingen van ontplofbare stoffen moeten ten behoeve van een veilige behandeling en juist gebruik van de verpakte voorwerpen en artikelen zijn voorzien van de door de civiele en militaire autoriteiten vastgestelde aanduidingen en aanwijzingen ter identificatie.
2. Aanduidingen en aanwijzingen op verpakkingen van ontplofbare stoffen dienen in overeenstemming te zijn met het Voorschrift inzake het merken van munitie en de verpakking van munitie 2022. Voor zover deze voorschriften geen aanduidingen of aanwijzingen voorschrijven, dient te worden voldaan aan het gestelde in deel 5 van het ADR met betrekking tot het markeren en etiketteren van verpakkingen.
3. De aanduidingen en aanwijzingen dienen goed leesbaar, onuitwisbaar en onbedekt te zijn en tenminste op één zijde van de verpakking te zijn aangebracht.
4. Militaire benamingen mogen worden gebruikt als opschrift indien de juiste ADR- vervoersnaam daarvan onderdeel uitmaakt.
5. Indien de omvang van de verpakking dit noodzakelijk maakt, mag een voorgeschreven aanduiding of aanwijzing hierop zijn aangepast onder de voorwaarde, dat de aanduiding of aanwijzing duidelijk zichtbaar is.
6. Munitie die in een tactisch voertuig wordt meegevoerd, hoeft niet te zijn voorzien van de kenmerking en etikettering, bedoeld in deel 5 van het ADR.
2. Aanduidingen en aanwijzingen op verpakkingen van ontplofbare stoffen dienen in overeenstemming te zijn met het Voorschrift inzake het merken van munitie en de verpakking van munitie 2022. Voor zover deze voorschriften geen aanduidingen of aanwijzingen voorschrijven, dient te worden voldaan aan het gestelde in deel 5 van het ADR met betrekking tot het markeren en etiketteren van verpakkingen.
3. De aanduidingen en aanwijzingen dienen goed leesbaar, onuitwisbaar en onbedekt te zijn en tenminste op één zijde van de verpakking te zijn aangebracht.
4. Militaire benamingen mogen worden gebruikt als opschrift indien de juiste ADR- vervoersnaam daarvan onderdeel uitmaakt.
5. Indien de omvang van de verpakking dit noodzakelijk maakt, mag een voorgeschreven aanduiding of aanwijzing hierop zijn aangepast onder de voorwaarde, dat de aanduiding of aanwijzing duidelijk zichtbaar is.
6. Munitie die in een tactisch voertuig wordt meegevoerd, hoeft niet te zijn voorzien van de kenmerking en etikettering, bedoeld in deel 5 van het ADR.