BWBR0028898
Geldig vanaf 2011-01-01
Artikel 3
Uitvoeringsregeling Besluit vervoer ontplofbare stoffen krijgsmacht 2011
1. Indien een tactisch voertuig niet beschikt over een organieke brandbestrijdingsuitrusting dient op het voertuig een brandblusvoorziening met ten minste twee kilo brandblusmiddel aanwezig te zijn.
2. Met een tactisch voertuig mee te voeren munitie, uitgezonderd munitie behorend tot de uitrusting van de bemanning, dient te worden geplaatst en te worden vastgezet in de daarvoor bestemde inrichting voor het veilig meevoeren van munitie.
3. Een tactisch voertuig mag worden gebruikt voor vervoer van munitie niet behorende tot de eigen uitrusting of het eigen wapensysteem mits:
a. het totale netto gewicht van de explosieve stof van die munitie niet meer bedraagt dan 50 kg;
b. de munitie wordt vastgezet;
c. het vervoer geschiedt in het kader van een schietserie, een operatie of een eindoefening of afsluitende training direct voorafgaande aan een operatie; en
d. wordt voldaan aan de bij of krachtens het besluit gestelde regels met betrekking tot logistieke voertuigen met uitzondering van het gestelde in artikel 4 van deze regeling en artikel 5, eerste lid, van het besluit.
2. Met een tactisch voertuig mee te voeren munitie, uitgezonderd munitie behorend tot de uitrusting van de bemanning, dient te worden geplaatst en te worden vastgezet in de daarvoor bestemde inrichting voor het veilig meevoeren van munitie.
3. Een tactisch voertuig mag worden gebruikt voor vervoer van munitie niet behorende tot de eigen uitrusting of het eigen wapensysteem mits:
a. het totale netto gewicht van de explosieve stof van die munitie niet meer bedraagt dan 50 kg;
b. de munitie wordt vastgezet;
c. het vervoer geschiedt in het kader van een schietserie, een operatie of een eindoefening of afsluitende training direct voorafgaande aan een operatie; en
d. wordt voldaan aan de bij of krachtens het besluit gestelde regels met betrekking tot logistieke voertuigen met uitzondering van het gestelde in artikel 4 van deze regeling en artikel 5, eerste lid, van het besluit.