BWBR0028681
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 323 Sv
Wetboek van Strafvordering BES — artikel 323
1. De voorzitter vraagt de getuige naar naam en voornamen, leeftijd, beroep en woon- en verblijfplaats; of hij bloed- of aanverwant is van de verdachte, en, zo ja, in welke graad.
2. De voorzitter beëdigt daarna de getuige. Artikel 250, tweede lid, betreffende de vervanging van de beëdiging door een aanmaning, is van overeenkomstige toepassing.
3. Met betrekking tot het verhoren van de getuige en diens recht van verschoning vinden de artikelen 251 tot en met 254 toepassing.
2. De voorzitter beëdigt daarna de getuige. Artikel 250, tweede lid, betreffende de vervanging van de beëdiging door een aanmaning, is van overeenkomstige toepassing.
3. Met betrekking tot het verhoren van de getuige en diens recht van verschoning vinden de artikelen 251 tot en met 254 toepassing.
- Citeren als
- Art. 323 Sv
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028681
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl