BWBR0028316
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 38
Besluit Pensioenwet BES
1. Het boetebedrag voor overtreding van een voorschrift op grond van de artikelen 1a, 7e, 16a, eerste tot en met vierde lid, 16b, eerste tot en met derde lid, 16c, 16f, eerste en tweede lid, 21a, eerste lid en 26b, eerste lid, van de wet en op grond van de artikelen 26, 33 en 37 bedraagt 50.000 USD.
2. Het boetebedrag voor overtreding van een voorschrift op grond van de artikelen 5a, eerste, tweede en vijfde tot en met achtste lid, 5b, 13b, 13e, 14, eerste lid, 14a, eerste lid, 14b en 16e van de wet en op grond van de artikelen 23, 24 en 25 bedraagt 25.000 USD.
3. Voor overtreding van artikel 21a, eerste lid, van de wet kan per dag dat men in overtreding is een boete worden opgelegd van USD 1.250 met een maximum van USD 25.000.
4. Voor overtreding van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht zoals van toepassing verklaard in artikel 19a van de wet kan per dag dat men in overtreding is een boete worden opgelegd van USD 1.250 met een maximum van USD 25.000.
2. Het boetebedrag voor overtreding van een voorschrift op grond van de artikelen 5a, eerste, tweede en vijfde tot en met achtste lid, 5b, 13b, 13e, 14, eerste lid, 14a, eerste lid, 14b en 16e van de wet en op grond van de artikelen 23, 24 en 25 bedraagt 25.000 USD.
3. Voor overtreding van artikel 21a, eerste lid, van de wet kan per dag dat men in overtreding is een boete worden opgelegd van USD 1.250 met een maximum van USD 25.000.
4. Voor overtreding van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht zoals van toepassing verklaard in artikel 19a van de wet kan per dag dat men in overtreding is een boete worden opgelegd van USD 1.250 met een maximum van USD 25.000.
- Citeren als
- Art. 38
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028316
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl