BWBR0028292
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 7
Vaartuigenwet 1930 BES
Indien de in het voorgaand artikel bedoelde termijn verstrijkt terwijl het vaartuig zich op zee bevindt, blijft de schriftelijke vergunning van kracht tot aan het eerstvolgende binnenvaren na dien in een der havens of baaien van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba.
Indien het vaartuig niet binnengevaren is ter plaatse waar de vergunning werd afgegeven, gelijk mede indien de in het voorgaand artikel bedoelde termijn verstrijkt, terwijl het vaartuig zich bevindt in een der havens of baaien van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, doch niet ter plaatse, waar de vergunning werd afgegeven, zal de op zoodanige plaats tot het afgeven van dergelijke vergunning bevoegde ambtenaar op de vergunning een aanteekening stellen, houdende een voorloopige verlenging daarvan voor ten hoogste één maand, welke daarna nog voor ten hoogste twee keeren op gelijke wijze kan worden herhaald.
Indien het vaartuig niet binnengevaren is ter plaatse waar de vergunning werd afgegeven, gelijk mede indien de in het voorgaand artikel bedoelde termijn verstrijkt, terwijl het vaartuig zich bevindt in een der havens of baaien van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, doch niet ter plaatse, waar de vergunning werd afgegeven, zal de op zoodanige plaats tot het afgeven van dergelijke vergunning bevoegde ambtenaar op de vergunning een aanteekening stellen, houdende een voorloopige verlenging daarvan voor ten hoogste één maand, welke daarna nog voor ten hoogste twee keeren op gelijke wijze kan worden herhaald.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028292
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl