BWBR0028229
Geldig vanaf 2010-09-14
Artikel 6
Besluit gebruik van het regeringsvliegtuig en luchtvaartuigen van de krijgsmacht
1. Een aanvraag voor een vlucht wordt schriftelijk bij de vluchtcoördinator ingediend.
2. Indien de aanvraag voor een vlucht in spoedeisende gevallen telefonisch is ingediend, dient deze schriftelijk te worden bevestigd.
3. De aanvraag voor een vlucht als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder a, c, d en e, wordt ingediend door de Dienst Koninklijk Huis, met uitzondering van vluchten ten behoeve van staatsbezoeken waarvoor de aanvraag wordt ingediend door de Minister van Buitenlandse Zaken.
4. De aanvraag voor een vlucht als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b en f, wordt ingediend door de minister die het, gezien het door de reis gediende belang, als eerst verantwoordelijke aangaat.
5. Indien een aanvraag wordt ingediend voor een vlucht als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b en f, wordt op het aanvraagformulier door of vanwege de aanvrager tenminste vermeld welk belang met de reis wordt gediend.
6. Indien sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 3, zendt de vluchtcoördinator na overleg met betrokkenen de aanvraag door aan de Minister van Defensie. De vluchtcoördinator verstrekt daarbij aan de Minister van Defensie de door deze verlangde gegevens.
2. Indien de aanvraag voor een vlucht in spoedeisende gevallen telefonisch is ingediend, dient deze schriftelijk te worden bevestigd.
3. De aanvraag voor een vlucht als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder a, c, d en e, wordt ingediend door de Dienst Koninklijk Huis, met uitzondering van vluchten ten behoeve van staatsbezoeken waarvoor de aanvraag wordt ingediend door de Minister van Buitenlandse Zaken.
4. De aanvraag voor een vlucht als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b en f, wordt ingediend door de minister die het, gezien het door de reis gediende belang, als eerst verantwoordelijke aangaat.
5. Indien een aanvraag wordt ingediend voor een vlucht als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b en f, wordt op het aanvraagformulier door of vanwege de aanvrager tenminste vermeld welk belang met de reis wordt gediend.
6. Indien sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 3, zendt de vluchtcoördinator na overleg met betrokkenen de aanvraag door aan de Minister van Defensie. De vluchtcoördinator verstrekt daarbij aan de Minister van Defensie de door deze verlangde gegevens.