BWBR0027668
Geldig vanaf 2010-05-26
Artikel 4
Regeling formalisering bijlagen, verschillende berekeningswijzen en percentages in het Kaderbesluit rechtspositie PO
1. De berekeningswijze van de structurele eindejaarsuitkering is bekend gemaakt in Gele Katern 2001, nr. 26, via publicatie AB/A&A/2001/35155, d.d. 31 oktober 2001.
2. De hoogte van de uitkering bedraagt 6,30%.
3. Het ongemaximeerde dagloon van de uitkeringsgenietende die aanspraak heeft op een uitkering volgens het Besluit werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneelwordt vanwege de structurele eindejaarsuitkering volgens artikel 28 van dat besluitaangepast. De hoogte van de indexering per 1 januari 2010 wordt aangegeven in bijlage 4van deze regeling.
4. Het ongemaximeerde dagloon van de uitkeringsgenietende die aanspraak heeft op een uitkering volgens het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair onderwijswordt vanwege de structurele eindejaarsuitkering volgens artikel 3 van dat besluit aangepast. In bijlage 4van deze regeling wordt de hoogte van de indexering aangegeven zoals die per 1 januari 2009 geldt met inachtneming van de in bijlage 4 opgenomen ingangsdata.
2. De hoogte van de uitkering bedraagt 6,30%.
3. Het ongemaximeerde dagloon van de uitkeringsgenietende die aanspraak heeft op een uitkering volgens het Besluit werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneelwordt vanwege de structurele eindejaarsuitkering volgens artikel 28 van dat besluitaangepast. De hoogte van de indexering per 1 januari 2010 wordt aangegeven in bijlage 4van deze regeling.
4. Het ongemaximeerde dagloon van de uitkeringsgenietende die aanspraak heeft op een uitkering volgens het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair onderwijswordt vanwege de structurele eindejaarsuitkering volgens artikel 3 van dat besluit aangepast. In bijlage 4van deze regeling wordt de hoogte van de indexering aangegeven zoals die per 1 januari 2009 geldt met inachtneming van de in bijlage 4 opgenomen ingangsdata.