BWBR0027413
Geldig vanaf 2010-03-26
Artikel 4.4
Mandaatbesluit BZK 2009
Het mandaat van de directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties omvat tevens:
a. de leiding van het overleg met de centrales van overheidspersoneel en de overheidswerkgevers of verenigingen van overheidswerkgevers, bedoeld in de Regeling overleg Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid;
b. de bevoegdheid om te beslissen op bezwaarschriften tegen namens de Minister genomen besluiten met betrekking tot de uitvoering van de begroting voor Koninkrijksrelaties, met uitzondering van besluiten die door de Minister, de Secretaris-generaal of de directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties zijn genomen.
a. de leiding van het overleg met de centrales van overheidspersoneel en de overheidswerkgevers of verenigingen van overheidswerkgevers, bedoeld in de Regeling overleg Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid;
b. de bevoegdheid om te beslissen op bezwaarschriften tegen namens de Minister genomen besluiten met betrekking tot de uitvoering van de begroting voor Koninkrijksrelaties, met uitzondering van besluiten die door de Minister, de Secretaris-generaal of de directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties zijn genomen.