BWBR0027070
Geldig vanaf 2000-11-01
Artikel 17
Regeling geluidniveaus aan boord van vissersvaartuigen
De meetprocedures voldoen aan de volgende voorschriften:
a. tijdens het meten van geluidniveaus- A zijn in de desbetreffende ruimte uitsluitend de personen aanwezig zijn die nodig zijn voor de bediening van het vissersvaartuig, alsmede de persoon die de metingen uitvoert;
b. de geluidniveaus-A worden gemeten in dB(A) en zonodig worden tevens octaafbandniveaus gemeten voor de octaafbanden met middenfrequenties 31.5 tot en met 8000 Hz, ter bepaling van de ISO-NR-waarden overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 6;
c. de precisiegeluidniveaumeter wordt op de stand ‘langzaam’ ingesteld en de waarden worden tot op één decibel nauwkeurig afgelezen. De meettijd is ten minste 5 seconden. Indien een geluidniveaumeter fluctuaties van niet meer dan 5 dB(A) aangeeft, wordt het niveau visueel vastgesteld of wordt het gemiddelde van de geluidniveaus- A anderszins bepaald;
d. indien de fluctuaties meer dan 5 dB(A) bedragen of indien het geluid cyclisch onregelmatig of intermitterend is, wordt een integrerende geluidniveaumeter gebruikt die is ingesteld op de A-schaal. De integrerende meting geschiedt gedurende een periode van ten minste 30 seconden;
e. bij meting van de geluidbelasting kan behalve het constante en variërende geluidniveaus-A, ook de geluidbelasting van personen worden gemeten, zoals voorzien in de artikelen 4 en 5.
a. tijdens het meten van geluidniveaus- A zijn in de desbetreffende ruimte uitsluitend de personen aanwezig zijn die nodig zijn voor de bediening van het vissersvaartuig, alsmede de persoon die de metingen uitvoert;
b. de geluidniveaus-A worden gemeten in dB(A) en zonodig worden tevens octaafbandniveaus gemeten voor de octaafbanden met middenfrequenties 31.5 tot en met 8000 Hz, ter bepaling van de ISO-NR-waarden overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 6;
c. de precisiegeluidniveaumeter wordt op de stand ‘langzaam’ ingesteld en de waarden worden tot op één decibel nauwkeurig afgelezen. De meettijd is ten minste 5 seconden. Indien een geluidniveaumeter fluctuaties van niet meer dan 5 dB(A) aangeeft, wordt het niveau visueel vastgesteld of wordt het gemiddelde van de geluidniveaus- A anderszins bepaald;
d. indien de fluctuaties meer dan 5 dB(A) bedragen of indien het geluid cyclisch onregelmatig of intermitterend is, wordt een integrerende geluidniveaumeter gebruikt die is ingesteld op de A-schaal. De integrerende meting geschiedt gedurende een periode van ten minste 30 seconden;
e. bij meting van de geluidbelasting kan behalve het constante en variërende geluidniveaus-A, ook de geluidbelasting van personen worden gemeten, zoals voorzien in de artikelen 4 en 5.