BWBR0025039
Geldig vanaf 2009-01-01
Artikel 6
Wet participatiebudget
Indien bij een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003740" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet gemeenschappelijke regelingen</a>de uitvoering van deze wet volledig is overgedragen aan het bestuur van een openbaar lichaam als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0003740/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 8 van die wet</a>, treedt dat bestuur voor de toepassing van deze wet, met uitzondering van de artikelen 2, 4en 5, in de plaats van het college, met dien verstande dat:
a. voor de toepassing van artikel 2 en artikel 5, tweede lid, de met toepassing van artikel 34a van de Wet gemeenschappelijke regelingen door het openbaar lichaam op de wijze, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, verantwoorde informatie in aanmerking kan worden genomen;
b. indien een openbaar lichaam de uitkering, bedoeld in artikel 2, ontvangt van het college van de gemeente die deelneemt aan de gemeenschappelijke regeling, voor de termijn van dertien maanden in artikel 4, derde lid, telkens wordt gelezen: vijfentwintig maanden.
a. voor de toepassing van artikel 2 en artikel 5, tweede lid, de met toepassing van artikel 34a van de Wet gemeenschappelijke regelingen door het openbaar lichaam op de wijze, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, verantwoorde informatie in aanmerking kan worden genomen;
b. indien een openbaar lichaam de uitkering, bedoeld in artikel 2, ontvangt van het college van de gemeente die deelneemt aan de gemeenschappelijke regeling, voor de termijn van dertien maanden in artikel 4, derde lid, telkens wordt gelezen: vijfentwintig maanden.