BWBR0024644
Geldig vanaf 2008-10-29
Artikel 10
Regeling bijzondere bevoegdverklaringen AML en Part-66-AML
1. Vanaf het tijdstip van schorsing mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de AML of de Part-66-AML betrekking heeft, niet uitoefenen.
2. Om een schorsing op te heffen toont de houder aan, dat de redenen, die tot schorsing hebben geleid, zijn vervallen.
2. Om een schorsing op te heffen toont de houder aan, dat de redenen, die tot schorsing hebben geleid, zijn vervallen.