BWBR0024591
Geldig vanaf 10-10-2008
Artikel 7
Beleidsregels boeteoplegging Wet arbeid vreemdelingen 2008
1. Bij een gedraging in strijd met artikel 15, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen waarbij niet tevens ten aanzien van dezelfde of een andere vreemdeling een gedraging in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen of artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt geconstateerd, zal de boete worden gematigd tot € 1.500,– voor het totaal van deze beboetbare feiten.
2. Bij een gedraging in strijd met artikel 15, tweede of derde lid, van de Wet arbeid vreemdelingen waarbij niet tevens ten aanzien van dezelfde of een andere vreemdeling een gedraging in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen of artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt geconstateerd, zal de boete worden gematigd tot € 1.500,– voor het totaal van deze beboetbare feiten.
3. Indien sprake is van recidive wordt per beboetbaar feit een boete opgelegd waarbij de regels van artikel 19d, tweede lid, van de Wet arbeid vreemdelingen in acht worden genomen.
2. Bij een gedraging in strijd met artikel 15, tweede of derde lid, van de Wet arbeid vreemdelingen waarbij niet tevens ten aanzien van dezelfde of een andere vreemdeling een gedraging in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen of artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt geconstateerd, zal de boete worden gematigd tot € 1.500,– voor het totaal van deze beboetbare feiten.
3. Indien sprake is van recidive wordt per beboetbaar feit een boete opgelegd waarbij de regels van artikel 19d, tweede lid, van de Wet arbeid vreemdelingen in acht worden genomen.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0024591
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl