BWBR0023118
Geldig vanaf 2008-11-30
Artikel 6
Regeling EFRO doelstelling 3 programmaperiode 2007–2013
1. De Minister wijst de aanvraag in ieder geval af indien deze strekt tot het krachtens deze regeling projectsubsidie verkrijgen ter hoogte van het geheel van de subsidiabele kosten van het project.
2. De Minister verleent de projectsubsidie zonodig onder de opschortende voorwaarde van tijdige toekenningsbeslissingen door de beoogde overige cofinanciers.
3. De Minister kan de aanvraag geheel of gedeeltelijk afwijzen indien:
a. blijkt dat de beoogde cofinanciering door de overige cofinanciers niet of niet volledig is aangevraagd dan wel niet of niet volledig zal worden verleend, of
b. het project naar het oordeel van de Minister volgens het Europees Programma in aanmerking komt voor een groter deel cofinanciering door een ander bestuursorgaan en indien blijkt dat deze cofinanciering niet of niet volledig is aangevraagd dan wel niet of niet volledig zal worden verleend.
2. De Minister verleent de projectsubsidie zonodig onder de opschortende voorwaarde van tijdige toekenningsbeslissingen door de beoogde overige cofinanciers.
3. De Minister kan de aanvraag geheel of gedeeltelijk afwijzen indien:
a. blijkt dat de beoogde cofinanciering door de overige cofinanciers niet of niet volledig is aangevraagd dan wel niet of niet volledig zal worden verleend, of
b. het project naar het oordeel van de Minister volgens het Europees Programma in aanmerking komt voor een groter deel cofinanciering door een ander bestuursorgaan en indien blijkt dat deze cofinanciering niet of niet volledig is aangevraagd dan wel niet of niet volledig zal worden verleend.