BWBR0023118
Geldig vanaf 2008-11-30
Artikel 13
Regeling EFRO doelstelling 3 programmaperiode 2007–2013
1. De Minister verleent op aanvraag en naar rato van de mate waarin deze cofinanciering bijdraagt aan de totale financiering van het project een voorschot van 100% van de verleende subsidie:
a. voor zover de subsidiabele kosten gemaakt en betaald zijn, en
b. voor zover de certificeringsautoriteit de desbetreffende betaalaanvraag heeft goedgekeurd.
2. In afwijking van het eerste lid kan de Minister éénmalig op aanvraag een voorschot van ten hoogste 10% van de verleende subsidie geven indien dit voor de start van het project noodzakelijk is.
3. In afwijking van het percentage, bedoeld in het eerste lid, bedragen voorschotten na toepassing van het tweede lid 90% van de subsidie.
4. De aanvraag gaat vergezeld van stukken waaruit blijkt dat is voldaan aan de criteria voor voorschotverlening.
a. voor zover de subsidiabele kosten gemaakt en betaald zijn, en
b. voor zover de certificeringsautoriteit de desbetreffende betaalaanvraag heeft goedgekeurd.
2. In afwijking van het eerste lid kan de Minister éénmalig op aanvraag een voorschot van ten hoogste 10% van de verleende subsidie geven indien dit voor de start van het project noodzakelijk is.
3. In afwijking van het percentage, bedoeld in het eerste lid, bedragen voorschotten na toepassing van het tweede lid 90% van de subsidie.
4. De aanvraag gaat vergezeld van stukken waaruit blijkt dat is voldaan aan de criteria voor voorschotverlening.