BWBR0022405
Geldig vanaf 2007-08-18
Artikel 3
Subsidieregeling opkomende markten 2007 en 2008
1. Als subsidiabele kosten worden uitsluitend kosten in aanmerking genomen die zijn gemaakt en betaald door in Nederland gevestigde deelnemers in een internationaal innovatie-samenwerkingsverband.
2. Indien de subsidiabele kosten betrekking hebben op industrieel onderzoek, bedraagt de subsidie voor een ondernemer, in afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de kaderregeling, 35 procent van de subsidiabele kosten. Dit percentage wordt met 10 procent verhoogd indien subsidie wordt verleend aan een MKB-ondernemer.
3. Het in artikel 3, vierde lid, van de kaderregelingbedoelde bedrag is € 0,5 miljoen.
4. De in artikel 21 van de kaderregelingbedoelde penvoerder is een in Nederland gevestigde ondernemer.
5. Artikel 4 van de kaderregelingis van overeenkomstige toepassing.
6. Het in artikel 12 van de kaderregelingbedoelde subsidieplafond voor het verlenen van subsidies voor internationale innovatieprojecten op aanvragen die ontvangen zijn in:
a. de in artikel 6, onder a, bedoelde periode, bedraagt € 2 miljoen;
b. de in artikel 6, onder b, bedoelde periode, bedraagt € 2 miljoen;
c. de in artikel 6, onder c, bedoelde periode, bedraagt € 2 miljoen;
d. de in artikel 6, onder d, bedoelde periode, bedraagt € 2.421.661.
2. Indien de subsidiabele kosten betrekking hebben op industrieel onderzoek, bedraagt de subsidie voor een ondernemer, in afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de kaderregeling, 35 procent van de subsidiabele kosten. Dit percentage wordt met 10 procent verhoogd indien subsidie wordt verleend aan een MKB-ondernemer.
3. Het in artikel 3, vierde lid, van de kaderregelingbedoelde bedrag is € 0,5 miljoen.
4. De in artikel 21 van de kaderregelingbedoelde penvoerder is een in Nederland gevestigde ondernemer.
5. Artikel 4 van de kaderregelingis van overeenkomstige toepassing.
6. Het in artikel 12 van de kaderregelingbedoelde subsidieplafond voor het verlenen van subsidies voor internationale innovatieprojecten op aanvragen die ontvangen zijn in:
a. de in artikel 6, onder a, bedoelde periode, bedraagt € 2 miljoen;
b. de in artikel 6, onder b, bedoelde periode, bedraagt € 2 miljoen;
c. de in artikel 6, onder c, bedoelde periode, bedraagt € 2 miljoen;
d. de in artikel 6, onder d, bedoelde periode, bedraagt € 2.421.661.